Beppie en Sera

Nu de jaren meer gevorderd lijken te geraken maakt het lichamelijk actief zijn steeds meer plaats voor activiteiten van de hersenen. Daar hoort min of meer als een vast onderdeel bij, dat ik in gedachten terug ga in de tijd en daarbij komen dan, herinneringen waarvan ik dacht dat ik ze vergeten was ineens weer naar boven.
Ik ben, alhoewel ik er met regelmaat kwam, een lange periode weg geweest uit Den Haag. dat ik ooit uit mijn geboortestad ben vertrokken had te maken met de huisvestingsproblemen waar de grote steden na de tweede wereldoorlog mee te maken hadden. De oorlog had veel sporen achtergelaten en alhoewel ik van de oorlog zelf weinig heb mee gekregen werd ik ik mijn jonge jaren behoorlijk met die ramp geconfronteerd.

Ik had een tante van moederskant, die met een jood getrouwd was. Oom dolf had een grote textiel zaak in de hobbemastraat, maar hij stond daarnaast ook nog op de markt met zijn ondergoed, sokken, theedoeken enz. Via oom dolf ontmoette mijn vader daar ook werkend op de markt Beppie en Sera. Deze twee jonge zusters hadden de holocaust overleefd en waren moederziel alleen. Geen vader en moeder, geen broers en zusters, geen ooms en tantes, geen oma’s en opa’s. Niks, alleen op de wereld. Allemaal, voor zover ze niet voor de oorlog overleden waren, vermoord door de moffen. Mijn vader was een sociaal mens en begaan met het lot van zijn medemens. Als gevolg op de ontmoeting gingen wij dan ook op zondagmorgen op bezoek bij de jonge marktvrouwen. Er heerste daar altijd een sfeer, die ik als kind helemaal niet kende. alsof we allemaal murf geslagen waren. Nog niet eens verdriet, om dat te uiten was het waarschijnlijk te groot en werd het verdrongen. Gelatenheid overheerste en er werd ook nauwelijks gesproken. We zaten bij elkaar, mijn broer en ik draaiden wat op onze stoelen, maar hielden ons muisstil uit een soort eerbied voor de situatie. Deze bezoeken hebben best wel een tijd geduurd. Soms zochten we ze dan ook wel eens op tijdens hun werk op de markt. Vrolijk heb ik ze nooit gezien.
Enige jaren geleden op de begrafenis van mijn oudste broer kwam ik een zoon van oom Dolf tegen en op mijn vraag of hij nog iets wist van Beppie en Sera vertelde hij, dat ze beiden nog leefden getrouwd waren naar Israël verhuisd waren en ondertussen ook weer terug naar Nederland waren gekomen.

via beppie en sera.

De bubbels en het harde werken

Een voorbeeld van een economische zeepbel of bubbel is de boete van €3900 voor een uitgeprocedeerde vluchteling als hij wordt aangehouden. Steeds is deze boete verder opgeschroefd. Deze laatste somma is het resultaat van het krachtdadig optreden van Staatssecretaris Fred Teeven. De Staatssecretaris rekent op 50.000 aanhoudingen en heeft dit in zijn begroting verwerkt. Aan het slot van het jaar blijkt hij een tekort van 195 miljoen te hebben. Dat is dan de bubbel.

Zo ook bij de SNS-bank, deze gaat in het vastgoed, dit vastgoed wordt miljarden minder waard en de SNS zit met een enorme bubbel in zijn maag. Niet het blad van Occupy Den Haag, dat draait nu al een paar bladen lang op de putopties van de SNS. Dat is zeer makkelijk voor ons blad. Er zijn echter anderen die ook geld binnengehaald hebben via deze putopties en nu zeggen dat ze dit door hard werken hebben verkregen.

Zo ken ik ook een ander soort harde werker: hij heeft een schoonmaakbedrijf en zit achter twee vierkante meter bureau, terwijl anderen voor hem het werk doen. Met steeds minder mensen worden er steeds meer vierkante meters schoongemaakt. Dit leidt bij de schoonmakers tot een hoger ziekteverzuim en dokterskosten. De man achter de twee vierkante meter bureau heeft nu uitgevonden dat hij zelf minder medische kosten maakt en wil dus minder premie betalen dan zijn medewerkers. Zo bestaan er nog meer bubbels. Eentje van een heel andere orde is de gasbel in Groningen, maar daar wil ik het de volgende keer over hebben.

Dit artikel is het editorial van het maandelijks verschijnende blad van Occupy Den Haag. De maarteditie wordt zondag 3 maart om 13:00 uur gepresenteerd, aan de leestafel van de Centrale Bibliotheek. Oudere edities van het blad zijn te vinden op:

http://www.occupydenhaag.org/ocdh-magazine/

‘In de rondte ‘ in Theater Dakota

Dichters, muzikanten, verhalenvertellers, singer-songwriters: in de voorstelling ‘In de rondte’ staan ze allemaal tegelijkertijd op één podium. Gedichten worden ondersteund door muziek en prachtige songs versterkt door verhalen. Bijzondere combinaties die door de geïmproviseerde insteek op dat moment ontstaan. ‘In de rondte’ staat op donderdag 28 februari exclusief in Theater Dakota.

collage in de rondte1

‘In de Rondte’ is een programma van schrijver en singer-songwriter Eva Meijer en dichter Harry Zevenbergen. Geïnspireerd door het Amerikaanse ‘In the round’ staan zes dichters, schrijvers, singer-songwriters en muzikanten in een halve cirkel op het podium. Om beurten lezen ze een gedicht of prozafragment voor of spelen ze een liedje. Hierbij spelen, praten en zingen ze in wisselende samenstellingen met elkaar mee. In Theater Dakota delen Eva en Harry het podium met dichteres Diann van Faassen en singer-songwriters Timo de la Mar en Vanessa Peters. Vanessa Peters, gerekend tot één van de beste singer-songwriters uit Texas, tourt voor het eerst in drie jaar weer door in Nederland. Het optreden in Theater Dakota is de aftrap van haar tour.

Informatie & kaartverkoop

In de rondte, donderdag 28 februari, aanvang 20.15 uur, €12,-.
Kaartverkoop via http://www.theaterdakota.nl, telefonisch via 070 326 55 09 of aan de kassa van Theater Dakota (Zuidlarenstraat 57, 2545 VP Den Haag).

ER ZIT EEN PAARD IN MIJN HOOFD – Harry Zevenbergen

Er zit een paard in mijn koekast. Een goudvis in mijn haring. Een volkswagen in mijn Ferrari. Sinas in mijn appel. Komkommer in mijn courgette. Luchtballonnen in mijn vliegtuig. Amsterdam in mijn Den Haag. Haat in mijn liefde. Meetbare sporen van een geweten in de bankier.
Paardenkracht in mijn auto. Alligators in mijn tranen. Resten socialisme in PvdA politici. Religie in de kerk. Diepgang in de Wereld draait door. Voetbal in ADO. Monarchie in verstokte republikeinen.
Bijna niets is wat er op de verpakking staat. Er zit een paard in mijn boerenkool en ik ploeg me met mes en vork een weg naar de overkant van mijn bord en terug. Op mijn telefoon ben ik altijd in Londen, is het altijd – 2 graden en sneeuwt het.
In de bouw wordt alleen nog maar afgebroken, in de paarden voor de Gouden koets zit net iets meer Ankie van Grunsven dan een levend wezen kan verteren. Er staat een viervoeter in de gang. Hij schudt zijn hoofd, veegt zijn voeten, knikt beleefd en neemt zijn kroon af.
Het zijn edele dieren de Oranjes, ze zijn er voor in de wieg gelegd. Dat zullen wij nooit begrijpen. Ze leven in een andere wereld. Er is geen timmermanszoon die timmerman wordt met twee linkerhanden. Maar een onnozele prins wordt koning wat er ook gebeurd.

En wij we mogen zingen in de straten, één dirigent, één volk uit volle borst. Vals en oprecht. Wat ben ik blij dat iedere poging tot integratie bij mij volledig is mislukt. Ik zing leve de republiek, al is het in mijn eentje. Bekijk oude foto´s uit 1980. Alle straten lagen open, de stenen vlogen door de lucht. Misschien moet ik wat mensen uitnodigen voor een reünie. Ik weet in ieder geval zeker dat mijn ouders me deze keer niet tegen zullen houden.

poezie
http://www.facebook.com/pages/Geen-kroning-geen-koning/497386973657510

Sonnet No. 5

Foto: Melissa Venable

Sonnet No. 5

Ik heb een hekel aan sonnetten.
Ik haat de orde en de regelmaat.
Van rijm en metrum krijg ik het te kwaad.
Toch laat ik mij door geen mens beletten

om af en toe zo’n kreng te schrijven.
Ik ben nou eenmaal gek op kattekwaad
en als dichter vaak te obstinaat
om zo lang in een vorm te blijven

hangen: een vers wordt dan gevang-
enis in plaats van poging tot verzet,
een ziekte die in elke regel, let-
ter van het gedicht van mij verlangt

dat ik mij door de waan laat lijden,
van het moment. Kunst moet bevrijden.

Sacha Kahn