Buurman

zwarte kraai
The black sheep, foto: Herman Beun, (CC BY-NC-ND 2.0)

Buurman, zegt hij steevast
de man van de Koerdische winkel
Ik woon hier al jaren
ik reken het brood af en loop naar huis
Veel verder komen wij niet

Buurman, zeg ik steevast
de zwarte kraai op de straatlantaarn
Hij woont hier al jaren
met een duikvlucht raapt hij de korsten op
Veel verder komen wij niet

Sacha Kahn

Visserijvlag – Het scheelt een letter en dus een wereld

Tja, op zoek naar een lekker visje werd ik in in de Nieuwe Vissershaven van Harlingen gespot. Waar ik zat te wachten tot deze vissermannen weer op een maandag de zee op konden. In hun kielzog komen altijd wat vissen naar boven en daar zijn niet alleen meeuwen gek op. Ook een Ooievaar versmaadt geen kielzog visje.

Al peinzend keek ik naar de visserij letters, niet goed oplettend dacht ik: “SC! das bekend terrein dat moet Scheveningen zijn en die twee daar de SC 35 Jacob Senior en en SC 45 Marijtje Keuter liggen hier wat dichter bij de visgronden. Scheelt vast een halve dag varen”…

Dom, dom, dom. Scheveningen heeft SCH natuurlijk als letters voor vissersschepen die daar thuis horen.

Na enig spitwerk kwam ik erachter dat SC de visserij letters zijn voor de Duitse stad Büsum, een badplaats en toeristisch centrum aan de Noordzee, vlak onder Denemarken.

Sinds eind 19e eeuw zijn vissers uit Büsum actief in de garnalenvisserij. In 1898 werd de Büsumer Fischereigesellschaft opgericht, die in de jaren 1940 haar hoogtijdagen had met in 1948 136 schepen, maar in 2008 nog slechts 20 schepen bezat. Het grootste deel van de schepen in de haven komt nu uit Friedrichskoog en Nederland, waar de visserijnormen uit de EU minder stringent worden nageleefd dan in Duitsland. De vangst van noordzeegarnalen voor de westkust van Sleeswijk-Holstein neemt de laatste jaren echter af. De belangrijkste afnemers van de garnalen (ongeveer 90%) zijn de Nederlandse garnalenverwerkers Heiploeg (die de Büsumer Fischereigesellschaft heeft opgekocht) en Klaas Puul. Tot de jaren 1960 werden de garnalen vaak thuis gepeld door Büsumse huisvrouwen, tegenwoordig gebeurt dit in verband met strengere hygiëneregels vaak in lage lonenlanden als Marokko. Sinds de recentelijke uitvinding van de garnalenpelmachine door de Nederlandse uitvinder Klaas Kant bevinden zich een tiental van deze machines in Leens (Groningen), Nederland.

Bron Wikipedia (nl).

Büsum, Schleswig-Holstein, Deutschland

Als je naar deze luchtfoto kijkt scheelt de haven van Büsum niet eens heel veel van die van Scheveningen qua formaat en opzet.

Via een refit verhaal op de Urker uitgave Visserijnieuws kwam ik achter de rederij:

URK – Seefischereibetrieb Hecht GmbH wordt gerund door Jacob (33) en Willem Snoek (27). Eigenaar is moeder Marretje Snoek-Hoekstra. Beide zonen zijn directielid. Willem bestuurt de zaken aan de wal, Jacob schippert op de SC 35.

Toen vader Evert Snoek in 2007 overleed had het visserijbedrijf Hecht vier Eurokotters, allemaal twinriggers. De oudste twee daarvan werden in 2011 verkocht. ,,We konden ons Duitse bedrijfsquotum ook met twee schepen benutten. Vervolgens hebben onze twee andere schepen een grote onderhoudsbeurt gekregen en die vissen sindsdien volop’’, legt Willem uit.

,,We proberen tegen zo weinig mogelijk kosten zo optimaal mogelijk ons quotum op te vissen. Dat lukt, tot alle tevredenheid. Alleen zien we met onze kleinere kotters in de winter vanwege weersinvloeden een minder bedrijfsresultaat. Met een grotere kotter erbij kunnen we dat oplossen. En dus hebben we vorig jaar de SC 25 gekocht. We hebben ons vervolgens eerst geöriënteerd. Uiteindelijk hebben we de knoop doorgehakt voor pulsvisserij en tegelijk ook geïnvesteerd in de mogelijkheid om met name in de zomer te kunnen twinriggen.’’

Pulsvissen is een nieuwe variant vor de boomkorvisserij waar zware netten met stalen kettingen de zeebodem loswoelen en zo ook het ecosysteem verwoesten en en enorme bijvangst van niet gewilde soorten gepaard gaan met een enorm olieverbruik.

Bij het pulsvissen zweef het net boven de bodem en worden de vissen gewekt met electrische pulsjes waardoor ze zo het net in zwemmen. Het verhaal is hoe groter de vis hoe groter de uitwerking van de puls vanwege hun lengte en verschil tussen de polen snuit en staart. Kleinere vissen hebben daar minder last van en zwemmen dus niet het net in…..

Ik zag dus Büsummer Urkers in Harlingen liggen….

Via Fischerhäfen in Europa kun je dan weer de doopceel van het vissersschip lichten:

1994 Casco gebaut in Gdansk / Polen, fertiggestellt bei Maaskant in Stellendam
Motor: 300 PS / 221 KW Mitsubishi Bj. 1995
28.04.1995 reg. als SC 35 “JACOB SENIOR” für Seefischereibetrieb Hecht GmbH (Gebr. Snoek / Urk) in Büsum
2012 Modernisiert
2015 neuer Motor: 300 PS / 221 KW Mitsubishi
2016 neuer Motor: 300 PS / 221 KW Mitsubishi
Eigner Fischereibetrieb Hecht GmbH
Schiffsname JACOB SENIOR
Fischereinummer SC35
MMSI 211241240
Call Sign DIRY
Länge 23,93
Breite 7,00
Seitenhöhe 3,90
BRZ
Baujahr 1995
Bauwerft Maaskant
Motor Mitsubishi
PS / KW 300 / 221

En via het MMSI nummer kun je bijvoorbeeld weer de huidige positie opzoeken.

Klep klep.

Haagspraak wenst u een vrolijk pasen!

Haagspraak hoopt dat u deze Tweede Paasdag weer vrolijk opgestaan bent, uw eitje heeft gebakken (en allicht bij grote trek die paashaas erachteraan) en nu God-knows-what doet, al dan niet in gezelschap van uw naasten en/of familie.

Haagspraak wenst u een vrolijk Pasen
Afbeelding: Beeldenbries.nl, inkleuring, Haagspraak

Onlangs kwam ik op het Plein in onze prachtige hofstad onze cartoonist uit oktober 2012 tegen, Beeldenbries, oftewel Inge van Holstein. Indertijd heeft zij een tweetal cartoons voor ons getekend, die hier en hier te vinden zijn.

Het leek mij aardig om haar kleurplaat te bewaren voor de bijpassende gelegenheid. Hierbij dus:

Vrolijk Pasen!

In het hoofd van Michiel Morel

Landingsbaanvaan

Wat zijn blogs toch af en toe fijne dingen:
Je (her)ontdekt er mensen door. Nieuwe mensen die je nog niet kende en kanten van mensen die je al kende, maar die kanten blijken te hebben die je nog niet van ze kende.

Ik ken Michiel al jaaaren (zeker een jaar of 10, maar zonder zijn achternaam te kennen), als …. partner van de moeder van twee van mijn favoriete barmeisjes. Ik ga niet op dit blog vertellen wie dat zijn. Als je me tegenkomt, mag je het vragen en misschien geef ik je dan antwoord….

Gisteren was ik in Museum “Beelden aan Zee” om de overzichtstentoonstelling van Auke de Vries te bekijken die als titel heeft “Tussenlanding”. Ik vandaag wat Googelen op Auke de Vries en wat ontdek ik op Michiel Morel’s site: Een hele mooie longread over een bezoek aan het atelier van Auke de Vries. Het lezen waard! Evenzo is de tentoonstelling die nog tot 25 juni in Beelden aan Zee te zien is een bezoek waard!

En passant weet ik nu ook waar “Gerrie De Kraai” vandaan komt.

Michiel Morel is dus kunstblogger. Wat leuk! Ontdek hem zelf ook.

P.s.: Ik gaf de foto “Landingsbaanvaan” (onze vaste taal criticus zal er vast iets op aan te merken hebben) als titel mee. Een van Auke de Vries’ kenmerken is dat hij zijn werk zelden een titel meegeeft. Hij vindt dat anderen die maar erbij moeten bedenken. Alsjeblieft Auke.

Een ontmoeting

20170328

Ik stond geduldig in de rij bij boekhandel Paagman op de Fred op mijn beurt te wachten. Hier geen voordringers, keurige buurt. Achter mij hoorde ik een man heel zachtjes praten.
“ken je hem niet? Hij was je buurman”… “Wie?” fluisterde een vrouwenstem. “Deze man hier vlak voor ons”. Ik draaide me om en keek in de gezichten van een vriendelijke grijze man met een wit baardje en een oud fragiel vrouwtje naast hem. “Hebt u het over mij?” vroeg ik. “Ja, u hebt toch in de Parijsstraat in Zoetermeer gewoond?” Ja zei ik, maar dat is al weer ruim 18 jaar geleden. “Ik bezocht daar regelmatig mijn moeder die toen boven u woonde. Ik herkende u meteen”. Het oude vrouwtje keek hem ongelovig aan want zij wist het ook allemaal niet meer. “U hebt een uitstekend geheugen”, complimenteerde ik hem terwijl hij mij nog steeds totaal onbekend voorkwam.
“Komt u maar” riep een dame achter de balie.
Ik was aan de beurt. Ik legde dichtbundel “ ’s Nachts verdwijnt de wereld” van Jaap Robben en “Gij Nu” van Griet op de Beeck op de toonbank. “Zijn het cadeautjes?”

Ik had geen idee welke boeken ik zou gaan kopen toen ik bij Paagman binnen wandelde. “Gij Nu” keek me bij binnenkomst al aan en ik herinnerde me een leuk gesprek bij DWDD met de schrijfster en had me toen al voorgenomen ooit eens een boek van haar te kopen.

De gedichtenbundel van Jaap Robben was een andere verhaal. Ik wist niet eens dat hij gedichten schreef maar afgelopen week was hij te gast bij DWDD Heimweh, waar Adriaan van Dis hem interviewde en het gesprek behalve over zijn roman Birk, voornamelijk over deze dichtbundel ging. Zijn eerste roman voor volwassenen, Birk, had ik een tijdje terug toegestuurd gekregen door de uitgever van “De gekste plek van Nederland – 111 bizarre locaties en hun bijzondere verhaal” (auteur Jeroen van der Spek), waarin twee foto’s van mij waren gepubliceerd. Aanvankelijk ging het om één foto maar later kreeg ik het verzoek om een tweede foto te mogen plaatsen. Omdat ze één bewijsexemplaar voor 2 foto’s te weinig vonden kreeg ik een ander boek cadeau, dat werd Birk, geen paperback maar een hardcover, gebonden en genaaid. Een heel beklemmend boek, vond ik, omdat de 3 personen die in dit boek voorkomen de enige bewoners zijn van een eiland waarop het hele verhaal zich afspeelt. Benauwend maar ook heel bijzonder.

Onderweg naar huis, op de fiets, kwam mijn bijzondere ontmoeting weer naar boven. De man kwam mij absoluut niet bekend voor hoe diep ik ook terug ging in mijn herinnering. Hoe vaak kwam hij bij zijn moeder en waarom was ik hem zo opgevallen? 18 Jaar geleden werkte ik nog volop en had weinig contacten met de overige bewoners van mijn flat.
Had ik hem en zijn moeder een kop koffie aan moeten bieden?