bye bye zwaai zwaai

Dirk _DSC0859

Nu de jaren vorderen en ik nu eenmaal naar veel zaken nieuwsgierig ben, voel ik mij gedwongen mijn deelname aan de sociale media drastisch te beperken. Iedere dag en dat dikwijls verschillende keren per dag check al mijn accounts en klik ik op alle nieuwsbrieven om op de hoogte te blijven van wat ik denk anders te missen. Mijn passies waarbij ik gebruik maak van de computer, namelijk muziek en fotografie, welnu daar kom ik weinig of nauwelijks aan toe.

Ik heb daarom besloten me af te melden bij diverse accounts en groepen.

Ik heb met enig genoegen lange tijd veel posts op Haagspraak en Hagazine gevolgd. Geregeld gekeken naar de foto’s van Roel, Elvin en Akbar. De artikelen van Edwin IJsman hadden mijn bijzondere belangstelling, maar ik heb me voorgenomen mijn tijd volledig te wijden aan mijn voornoemde passies.

Ik neem daarom bij deze afscheid van al mijn sociale media. Wens jullie allemaal veel succes met jullie blogs en wens jullie allemaal een hele goede gezondheid en nog veel plezier op het internet. ik ga verder mijn eigen weg.

Dirk

Beppie en Sera

Nu de jaren meer gevorderd lijken te geraken maakt het lichamelijk actief zijn steeds meer plaats voor activiteiten van de hersenen. Daar hoort min of meer als een vast onderdeel bij, dat ik in gedachten terug ga in de tijd en daarbij komen dan, herinneringen waarvan ik dacht dat ik ze vergeten was ineens weer naar boven.
Ik ben, alhoewel ik er met regelmaat kwam, een lange periode weg geweest uit Den Haag. dat ik ooit uit mijn geboortestad ben vertrokken had te maken met de huisvestingsproblemen waar de grote steden na de tweede wereldoorlog mee te maken hadden. De oorlog had veel sporen achtergelaten en alhoewel ik van de oorlog zelf weinig heb mee gekregen werd ik ik mijn jonge jaren behoorlijk met die ramp geconfronteerd.

Ik had een tante van moederskant, die met een jood getrouwd was. Oom dolf had een grote textiel zaak in de hobbemastraat, maar hij stond daarnaast ook nog op de markt met zijn ondergoed, sokken, theedoeken enz. Via oom dolf ontmoette mijn vader daar ook werkend op de markt Beppie en Sera. Deze twee jonge zusters hadden de holocaust overleefd en waren moederziel alleen. Geen vader en moeder, geen broers en zusters, geen ooms en tantes, geen oma’s en opa’s. Niks, alleen op de wereld. Allemaal, voor zover ze niet voor de oorlog overleden waren, vermoord door de moffen. Mijn vader was een sociaal mens en begaan met het lot van zijn medemens. Als gevolg op de ontmoeting gingen wij dan ook op zondagmorgen op bezoek bij de jonge marktvrouwen. Er heerste daar altijd een sfeer, die ik als kind helemaal niet kende. alsof we allemaal murf geslagen waren. Nog niet eens verdriet, om dat te uiten was het waarschijnlijk te groot en werd het verdrongen. Gelatenheid overheerste en er werd ook nauwelijks gesproken. We zaten bij elkaar, mijn broer en ik draaiden wat op onze stoelen, maar hielden ons muisstil uit een soort eerbied voor de situatie. Deze bezoeken hebben best wel een tijd geduurd. Soms zochten we ze dan ook wel eens op tijdens hun werk op de markt. Vrolijk heb ik ze nooit gezien.
Enige jaren geleden op de begrafenis van mijn oudste broer kwam ik een zoon van oom Dolf tegen en op mijn vraag of hij nog iets wist van Beppie en Sera vertelde hij, dat ze beiden nog leefden getrouwd waren naar Israël verhuisd waren en ondertussen ook weer terug naar Nederland waren gekomen.

via beppie en sera.

haagspraak bijeenkomst 20 jan. cafe emma op het regentesseplein.

vanmiddag waren we met zijn 9nen in cafe emma aan het regentesseplein.
er was koffie, thee, koek en gluhwein. de stemming was prima en er was sprake van een zeer constructieve sfeer. ik had mijn cameraatje bij me en ben na thuiskomst direct met de opnames aan de gang gegaan. ik had er veel plezier in en daar gaat het toch om. niks moet, alles kan was de gezamenlijke conclusie!

Tombe la neige

Vanmorgen toen ik vanuit mijn flat in Leidschendam uitkeek over de skyline van den haag, besloot ik met het uitzicht over een wit landschap vandaag maar thuis te blijven. Niet wetende, dat dit witte landschap voor Edwin de aanleiding zou zijn mij rond de middag te bellen. We hadden het er al verschillende malen over gehad om samen weer eens wat te doen met onze camera’s. In het verleden zijn wij samen dikwijls onderweg geweest om voor Occupy Den Haag interviews af te nemen.

In de kou dus, op de tram richting centrum, alwaar ik daar aangekomen Edwin trof in de bibliotheek, waar we in onze Occupy-tijd geregeld afspraken. Het is er altijd warm en het kost verder niks, voor ons ook wel belangrijk. “Wat zullen we dan gaan doen?” vroeg ik edwin, waarop hij zei niks specifieks in gedachten te hebben, als er maar sneeuw aan te pas zou komen.

Op het plein lag genoeg sneeuw, het overgrote deel was nog onbetreden. Bij het standbeeld van “de vader des vaderland”  hebben wij samen gemijmerd over de tijd, dat wij geregeld om allerlei zaken demonstreerden. Het maakte niet uit, als we maar ergens tegenaan konden schoppen, want er ging veel fout in de samenleving, daar waren we het hartgrondelijk over eens. Vanaf het Plein zijn we toen verder gelopen naar het malieveld en hebben een tijdje staan praten op de plek waar ongeveer een jaar geleden het Occupy Den Haag kamp stond. We hadden het erover hoe fel jozias van aartsen gekant was tegen occupy. Steeds maar weer ging hij naar de rechter met de bedoeling het kamp te ontruimen. Steeds haalde hij bakzeil en hadden wij weer veel voldoening. Die tijd stond voor ons bol van de conflicten. Ook onderling verschilden wij vaak van mening, hetgeen gepaard ging met heftige discussies.

Het was een bewogen periode, waar ik heel wat tijd in heb gestoken en waar ik toch ook met enige voldoening op terug kijk.

Na een tijdje zijn we weer terug gelopen naar de stad en hebben we nog wat nagepraat onder het genot van een 65-plus-koffie bij MCDonalds.

de Stuyvesantstraat

Sinds een jaar, na lange omzwervingen in binnen- en buitenland woon ik weer in mijn geboortestreek. Vanaf mijn appartement tot aan de Stuyvesantstraat zijn maar een paar kilometer. Als ik dan ook op mijn e-bike naar het centrum fiets kan het niet laten om, meestal op de terugweg door mijn ouwe buurtje te fietsen. Mijn straat is tot een herontdekkingsreis geworden. Ik loop langs de huizen en herinner mij de namen van de bewoners. Rechts van ons portiek op de begane grond woonde een echtpaar. Zij was een flink gezette vrouw en stond vaak in het geopende raam en mompelde dan allerlei verwensingen naar haar man. Ze had een Duits accent en aan haar kin zaten meestal verschillende lange haren. Vanaf ons balkon aan de achterkant van ons huis zag je haar ook bezig in de tuin. Er kwam ook wel eens een dochter op bezoek, maar dat was dan ook de enige verandering die daar beneden plaats vondt.
Mijn jongere broer en ik werden naarmate de jaren vorderden de gelukkige bezitters van een fiets. Overdag stalden wij de fietsen tegen de pui van de beneden buurvrouw en ’s avonds duwden wij ze langs de portiekrand naar boven.
Dat stallen tegen de pui verliep vaak slordig en zo gebeurde het met grote regelmaat, dat een voor of achterwiel tegen de voordeur van de buurvrouw stond en de buurman niet fatsoenlijk met zijn kostuums (hij was coupeur) erin of eruit kon. Zo kon het op een dag gebeuren, dat terwijl ik van bovenaf toevalligerwijze uit het raam keek ik tot mijn grote verbazing net op tijd er getuige van was, dat de buurman met beide handen het frame van mijn dierbaar bezit vast pakte en resoluut een aantal meters verder aan de stoeprand deed belanden. Ik draaide van het raam weg en bracht in hevige verontwaardiging mijn vader, die achter zijn bureau zijn dagelijkse rapporten aan het schrijven was, op de hoogte van wat ik zojuist gezien had. Zonder wat te zeggen vloog mijn vader naar beneden ( ik er achteraan natuurlijk) sprong op mijn fiets en spoedde zich achter de eveneens fietsende buurman aan, die net aan het eind van de straat links het Stuyvesantplein op reed. Bij apotheker Reineker(ns) kreeg pa hem te pakken, hij trok buurman van zijn fiets, greep het frame stevig vast met beide handen en wierp het vervoermiddel met grote kracht van zich af. Met zijn handen aan stuur liepen wij, zonder dat hij verder sprak samen terug naar huis. Ik met een warm gevoel van binnen.

De apotheker is er nog steeds onder dezelfde naam en ook schuin daar tegenover kan je nog steeds een haring kopen. Een bollekie voor de kat kennen ze niet meer.

20121103-062529.jpg