1948 en kerstmis

Onlangs zag ik op TV een oproeptekst “wat is uw vroegste kerstherinnering”
 Er zijn een aantal vroege herinneringen/flitsen uit 1948,ik was toen 5 jaar.1948 was het jaar waarin mijn oma overleed, ik zie nog hoe mijn moeder huilend werd getroost door buren. zelf begreep ik er niet veel van.


 1948 was ook het jaar waarin een bijzondere gebeurtenis plaatsvond. De Jiddische zanger Leo Fuld was terug gekomen uit Amerika waar hij triomfen vierde .  Een van de buren had een raam opengeschoven zette daar een radio neer en riep dat Leo Fuld op de radio was , een aantal buren kwamen  bij het raam om naar   het gesprek te luisteren. Opeens ontstond er een hele vreemde stemming toen hij  “my Jiddische momme “zong,

Door Bert Verhoeff / Anefo – Edited version of Nationaal Archief, CC0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=36770261 Door Bert Verhoeff / Anefo – Edited version of Nationaal Archief, CC0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=36770261

sommige buren begonnen te huilen, en te schreeuwen bij het aanhoren van dit lied, het bracht de verschrikkingen  van de kampen weer dichtbij de mensen wiens familie in de kampen was omgekomen.Tijdens het troosten van de buren kon ik flarden van de meegemaakte verschrikkingen opvangen maar begreep er niets van anders dan dat het verdrietig was.
Jaren later toen ik de  eerste tv uitzendingen  in de jaren 60 van Lou De Jong bekeek dacht ik soms die verhalen ken ik. Weer jaren later begreep ik dat er flarden van de verhalen uit 48 weer naar boven kwamen .
 1948 was ook het jaar dat mijn jongste broertje werd geboren, hij werd voor de kerstdagen verwacht.het werd 20 december. In die tijd bleven moeders ±10 dagen in de kliniek liggen alvorens naar huis te komen. Mijn vader moest werken dus er moest een oplossing voor de kinderen komen. Mijn oudste broer kon voor zichzelf zorgen of werd bij een tante ondergebracht en mijn  jongere broer en ik werden voor die periode ondergebracht in een tehuis in de Helmerstraat op de hoek van de Elandstraat . De Sint Juliana vereniging tot hulp in de huishouding’ Ook de kerst zouden we vieren in dat tehuis. 


Tijdens de nachtmis mochten we naar de kerk. En ik herinner mij nog goed al die vreugdevolle gezangen al die kaarsen het was een groot feest. Van huis uit vierde wij het kerstfeest niet met een bezoek aan een kerk. Er was wel een kerstboom met lampjes die via een fiets dynamo aan gingen en na de oorlog waren omgebouwd voor het toen nog 110 netstroom.
In een lange rij mocht iedereen lang de grote kerststal lopen, veel mensen gooide geld in de kribbe.Tegen de tijd dat wij aan de beurt waren lag de kribbe vol met geld veel klein geld maar ook briefjes van 1 gulden en rijksdaalders.Dat heeft een grote indruk achtergelaten en als ik soms de kerk bezoek om wat foto’s te maken zie ik alles weer voor me.Dus 1948 is voor mij een jaar vol herinneringen.

. En het lied van van Kooten en de Bie 1948 “toen was geluk heel gewoon” blijft voor mij leuk om te horen. Zeker ivm mijn herinneringen aan dat jaar.

infobron https://www.bhic.nl/ontdekken/verhalen/de-liefdezusters-van-de-h-juliana-falconieri

De betonreliëfs van Pierre van Soest

Al fietsend door de Binckhorst zag ik grote betonreliëfs op de kade staan Ik maakte wat foto’s en ging later via het www op onderzoek. Het ging om betonreliëfs van Pierre van Soest, afkomstig van Jeugdgebouw ‘De Albatros’ in Amsterdam-Noord, dat in 2001 werd gesloopt.

De albatros was een ontwerp van ir. Frank van Klingeren De betonreliëfs stonden ± 20 jaar opgeslagen niemand wist wat er mee ging gebeuren.
De jeugdherberg in Loosduinen-Den Haag ook een ontwerp van ir. Frank van Klingeren, zou na demontage herbouwd worden (2011) in het Melis Stoke Park in Den Haag-Zuidwest. Het plan is nooit uitgevoerd maar de gedemonteerde jeugdherberg bleef maar opgeslagen staan. De bureau’s Studio Leon Thier architecten en HVE architecten gaan de jeugdherberg opnieuw nieuw leven inblazen als deel van het Van Klingeren Paviljoen in de Binckhorst.

Tot die tijd blijven de betonreliëfs nog even op de kade staan: tenslotte stond het ±20 jaar in Amsterdam te verpieteren dus die paar jaar kunnen er nog wel bij. Omdat de betonreliëfs (6 x 4 x 1 meter) achter elkaar staan, was het niet mogelijk de drie apart vast te leggen, om ze in volle omvang te kunnen zien, moeten we nog even geduld hebben.

Infobron Stroom Den Haag

De Rode Leeuw op het dak


Het grote wapenschild op het dak van het Ministerie van Defensie aan de Kalvermarkt ken ik al vanaf mijn kindertijd. De rode leeuw is het meest in het oog springende onderdeel op het dak van het ministerie met als wapenspreuk:

Vigilate Deo Confidentes.(Weest waakzaam, vertrouwende op God)

Ineens zag ik afgelopen week dat er meer is dan de leeuw. aan weerszijde zijn kanonnen gegroepeerd. Ik nam een foto en thuis ging ik op speurtocht.

Zo kwam ik er achter dat de wapenspreuk “Vigilates Deo Confidentes” ten tijde van de republiek de wapenspreuk was van de Staten van Holland.
Thans is het de wapenspreuk van de provincie Zuid Holland.
De leeuw met kroon zijn afkomstig van de kanongieterij die ooit gevestigd was aan de Nieuwe Uitleg.

Infobord Nieuwe Uitleg

De kanonnen aan weerszijde zoals ze nu zijn gegroepeerd waren niet te zien op de kanongieterij aan de Uitleg

Voorgevel voormalige kanongieterij. Bron wikipedia-Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed foto

Aan de zijkant van het ministerie in de Bagijnestraat zitten ook onderdelen van de voormalige geschutsgieterij.

Bagijnestraat

Bronnen-info Wikipedia

De moord op suikermagnaat Eschauzier

Tijdens een wandeling door het Zeeheldenkwartier ontdekte ik in de de Westerbaenstraat een BUDVE-bordje (Berichten Uit De Vorige Eeuw) aan een gevel.

Het betrof een in 1931 gevonden lijk van suikermagnaat Eschauzier in een hier gelegen pakhuis. Ik maakte er een foto van en na een paar dagen zocht ik via het internet informatie over suikermagnaat Eschauzier .

Wilhelm Gerard Joachim Eschauzier
Suikermagnaat Eschauzier

Eschauzier was directeur van de Nederlandsch-Indische Suiker-Unie, het kantoor was gevestigd aan de Schimmelpennincklaan 3. De moord vond plaats in de Prins Hendrikstaat waarna het lijk vervoerd werd naar het pakhuis in de Westerbaenstraat.

R.J. Schimmelpennincklaan 3: Kantoorgebouw Insulinde

De Leidsche Courant uit 1931 meldde:

Op 11 mei 1931 werd in een kist in een pakhuis aan de Westerbaenstraat het lijk van de 59-jarige Wilhelm Gerard Joachim Eschauzier gevonden. Deze multimiljonair werd aan handen en voeten gebonden aangetroffen met een met ether doordrenkte prop in de mond. Het bleek dat de directeur van de Nederlandsch-Indische Suikerunie al twee dagen vermist werd.
Na goed speurwerk werden de daders binnen enkele dagen na de moord al opgepakt.
Ook de stichting BUDVE vermeldt op de site de juiste toedracht met de vermelding dat de daders binnen een paar dagen waren opgepakt.

Over het kantoorpand aan de R.J. Schimmelpennincklaan suggereren sommige stadsgidsen dat hij daar woonde en dat de moord nooit was opgelost .

indebuurt
Bron indebuurt/ifthenisnow

if then is now &DuisterDenHaag

 

 

Bron Spaarnestad collage foto’s van rechters verdedigers politie betreffende de moord

Het speurwerk heeft een tijdje geduurd maar ik heb alles redelijk op een rijtje kunnen krijgen.
Bronnen

https://leiden.courant.nu/issue/LC/1931-05-13/edition/0/page/7
https://shie.nl/budve/Zeeheldenkwartier/016/016.htm
De Leidsche Courant.
De stichting BUDVE .
Spaarnestad Photo
Delfer foto KITLV0-Eschauzier

Twee reebruine ogen die keken mij aan


Het was mooi weer en ik zou op de fiets naar het Belgisch Park gaan.

Halverwege – bij het Catshuis – zag ik een paar mensen staan wijzen richting Sorghvliet.
Ineens schoot mij een twitterbericht te binnen van Mariëlle Ernst; zij had een hert gezien bij het hek van Sorghvliet.
Ik zette mijn fiets op slot en liep naar de overkant naar het groepje mensen , ik begreep uit de gesprekken dat ze het hertje hadden gezien.
Na een tijdje gewacht te hebben, ging de groep verder en ik liep naar mijn fiets terug.

Bij m’n fiets aangekomen keek ik nog een keer om en ineens zag ik achter het hek iets bewegen en inderdaad het reebokje verscheen. ik pakte vlug mijn camera deed de tele erop en maakte snel een foto.

Ik liep weer richting hek en het bokje verdween. Ik duwde mijn camera tegen het hek en wachtte een tijd. Het wachten werd beloond want het reebokje kwam aanlopen en keek mijn richting op. Ik maakte snel wat foto’s.

Het geluid van de camera maakte hem niet aan het schrikken maar het bokje ging er wel vandoor.

Snel bekeek ik even mijn foto’s en na goedkeuring ging ik naar mijn fiets en verder een andere richting op dan ik oorspronkelijk van plan was.
Thuis bij het bekijken van de foto’s bedacht ik dat het best wel zielig was zo’n verdwaald hertje in een park zonder soortgenoten. Het is vermoedelijk door de ingang naar binnen geraakt want het water van de Haagse Beek stroomt alleen zichtbaar uit het park en is door een hek goed afgesloten.
Ze zouden het reebokje moeten vangen en weer herplaatsen op een plek waar hij soortgenoten kan ontmoeten. Want zoals het nu leeft, lijkt mij niet leuk.
Maar om de entreekaarten verkoop te stimuleren is het wel een goeie trekpleister :-).