Blurb 0003 – A Propos: Verhogingen van Verkeersboetes

Verhogingen van Verkeersboetes

De Advocaat Generaal van de Hoge Raad heeft in een advies van 3 juli 2026 aan de Hoge Raad als zijn mening gegeven dat de verhogingen van verkeersboetes aan de rechter moeten kunnen worden voorgelegd en in sommige gevallen niet meer mogen worden opgelegd.

De verhogingen van verkeersboetes moeten aan de rechter kunnen worden voorgelegd. Bovendien kunnen de verhogingen niet worden geïnd als de niet-betaling van verkeersboetes een gevolg is van een gebrek aan draagkracht en als iemand van de niet-betaling geen enkel verwijt kan worden gemaakt. Advocaat-generaal (AG) Snijders adviseert de Hoge Raad in zijn conclusie van vandaag om dit als antwoord te geven op de prejudiciële vraag die rechtbank Den Haag heeft gesteld over de verhogingen van verkeersboetes.

Verhogingen van verkeersboetes

Als verkeersboetes niet op tijd worden betaald, worden deze op grond van de wet automatisch verhoogd met 50%. Als ook daarna niet wordt betaald, vindt automatisch een tweede verhoging met 100% plaats. De verhogingen komen daardoor in totaal neer op een verhoging van de verkeersboete met 200%. Niet betaling leidt er dus toe dat de verschuldigde boete wordt verhoogd tot een drie keer zo hoog bedrag. Dat betekent dat de betalingsverplichting bij een verkeersboete van € 100,- na de verhogingen in totaal € 300,- bedraagt. De verhogingen zijn bedoeld als een prikkel om op tijd te betalen.
Over de hoogte van de verkeersboetes en de verhogingen bestaat discussie. Er worden jaarlijks vele miljoenen verkeersboetes opgelegd. In ruwweg 15% van de gevallen worden deze niet op tijd betaald en is sprake van verhogingen. In een deel van die gevallen komt dit doordat degene die de boete moet betalen, daarvoor geen of onvoldoende geld heeft. In diverse rapporten en ook in de Tweede Kamer is geconstateerd dat de verkeersboetes en de verhogingen bijdragen aan de schuldenproblematiek. In andere gevallen van het niet-tijdig betalen van schulden en boetes vinden veel lagere verhogingen plaats. In de Tweede Kamer is een motie aangenomen die inhoudt dat de verhogingen sterk verlaagd moeten worden. Het vorige kabinet heeft deze motie niet uitgevoerd omdat daarvoor geen financiële middelen waren. Ook het huidige kabinet heeft laten weten dat er geen financiële middelen beschikbaar zijn voor een verlaging van de verhogingen.

De zaak

Een man heeft in ongeveer één jaar tijd zeven verkeersboetes gekregen voor een totaalbedrag van € 1029,-. Hij heeft deze boetes niet op tijd betaald. Daardoor is hij ook de verhogingen van de boetes schuldig geworden. Zijn schuld aan het CJIB is daardoor in totaal € 3.087,- geworden. Hij wordt bijgestaan door een belangenorganisatie. Met de hulp van deze organisatie is hij een procedure tegen de Staat begonnen. In de procedure verlangt hij dat de rechtbank beslist dat hij de verhogingen niet hoeft te betalen. Volgens hem zijn de verhogingen een vorm van bestraffing in de zin van art. 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De regeling van de verhogingen voldoet volgens hem niet aan de eisen die deze bepaling stelt aan het opleggen van een straf. Ook zijn de verhogingen volgens hem in strijd met het recht op eigendom van art. 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM (EP EVRM). Zij vormen volgens hem een buitensporige last voor degene die niet op tijd zijn verkeersboete betaalt.

Prejudiciële vraag rechtbank

In de door de man begonnen procedure heeft de rechtbank besloten om over diens standpunt een prejudiciële vraag aan de Hoge Raad te stellen. De vraag luidt of de verhogingen in strijd zijn met art. 6 EVRM of art. 1 EP EVRM. De strijd met die bepalingen zou betekenen dat de Nederlandse wet waarin de verhogingen zijn geregeld, niet wordt toegepast. Art. 94 Grondwet zegt namelijk dat de internationale mensenrechtenverdragen, waaronder het EVRM, voorgaan boven de Nederlandse wet. Bij strijd moet de Nederlandse wet dus buiten toepassing blijven.

Conclusie AG

Volgens de AG komen de verhogingen neer op een bestraffing in de zin van art. 6 EVRM. Volgens de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) moet daarom een toetsing door de rechter op de evenredigheid van de verhogingen mogelijk zijn. Aan die toetsing bestaat volgens de AG behoefte als een betrokkene door een gebrek aan draagkracht de boete redelijkerwijs niet kan betalen of als vaststaat dat een betrokkene geen enkel verwijt valt te maken van het feit dat hij de boete niet op tijd heeft betaald. De verhogingen vormen in die gevallen een onevenredige straf.

Deze toetsing door de rechter is volgens de AG nu al mogelijk, maar alleen bij de burgerlijke rechter. De procedure bij de burgerlijke rechter is echter niet erg geschikt voor die toetsing, onder meer door de relatief hoge kosten daarvan. In andere gevallen van bestraffing staan in Nederland procedures open die veel laagdrempeliger zijn. Dat zijn procedures bij de bestuursrechter en de strafrechter. De AG stelt voor dat de Hoge Raad dit verschil opheft door te beslissen dat tegen de mededeling van de verhogingen op dezelfde manier beroep kan worden ingesteld als tegen een verkeersboete. Aan een beroep tegen een verkeersboete zijn geen kosten verbonden. Dat zou dan ook gaan gelden voor een beroep tegen de verhogingen. Dat past bij de procedure die nodig is, aldus de AG.

Volgens de AG zijn de verhogingen ook in strijd zijn met art. 1 EP EVRM. Die strijd bestaat eveneens in de gevallen dat sprake is van een betrokkene die door een gebrek aan draagkracht de boete redelijkerwijs niet kan betalen of waarvan vaststaat dat hem geen enkel verwijt valt te maken van het feit dat hij de boete niet op tijd heeft betaald. In die gevallen kan namelijk niet meer worden gesproken van een ‘fair balance’ tussen de belangen van de betrokkene en het algemene belang dat is gemoeid met de inning van de boetes waarop de Wahv ziet. Volgens de rechtspraak van het EHRM is in dat geval sprake van een ‘excessive burden’ (buitensporige last). Dat betekent dat de verhogingen dan op grond van art. 94 Grondwet niet zijn verschuldigd wegens strijd met art. 1 EP EVRM, en dus niet mogen worden opgelegd.

Als de Hoge Raad de conclusie volgt, dan betekent dit dat in genoemde gevallen de verhogingen niet of niet meer volledig kunnen worden toegepast.

Uitspraak Hoge Raad

De Hoge Raad doet zo spoedig mogelijk uitspraak.

Een conclusie bevat een onafhankelijke analyse van en oordeel over een zaak waarover de Hoge Raad moet beslissen. Daarbij gaat het om voorlichting en advisering van de Hoge Raad. In een conclusie wordt een zaak vaak uitvoeriger en vanuit een breder perspectief besproken dan in de uitspraak van de Hoge Raad. Daarmee dient de conclusie niet alleen de kwaliteit van de rechtspraak in de concrete zaak, maar ook de rechtseenheid en de rechtsontwikkeling. Een conclusie wordt meestal genomen door een van de advocaten-generaal in het parket, namens de procureur-generaal. De advocaten-generaal zijn zelf verantwoordelijk voor de inhoud van hun conclusies.

Publicatie op Rechtspraak.nl

Blurb 0002 –Pierbattista Pizzaballa

Dit is een foto van kardinaal Pierbattista Pizzaballa van Wikipedia. Helaas geen naamsvermelding van de fotograaf.

Pierbattista Pizzaballa is de kardinaal waar Jerusalem onder valt. Hij wilde de Palmpasen mis gaan lezen in de Heilige Grafkerk van Jerusalem, maar werd door de Israelische politie tegengehouden omdat wegens de oorlog met Iran er gevaar voor hem zou zijn. De paus en allerlei bekende figuren schoten gelijk in de “Dat kan toch niet” houding en veroordeelden Netanyahu op X. Uiteindelijk berichtte Netanyahu dat Pierbattista op maandag de kerk in kon….Pfff

Blurb 0001 – De geboorte van een nieuwe Categorie … en een Kabinet

Dilan Yeşilgöz, Foto van Roel Wijnants

Blurb
[Blurb] Noun
A suspiciously enthusiastic summary, usually found on the back of a book desperately trying to convince you it’s worth your time (and money).


Blurb betekent dus helemaal niet “Oprisping”, maar oprisping dekt wel een beetje wat ik bedoel met deze categorie. Een gedachtespinsel dat ineens opkomt. Ik ben een oude witte man die soms gedachten heeft die ingaan tegen de tegenwoordig meer dan woke maatschappij. Dat gevoegd bij het feit dat ik de laatste jaren weinig publiceer hier, maar toch wel dagelijks iets bedenk, wat hier een plaatsje verdient in mijn ogen. Dat maakte dat ik op zoek was naar een categorie waar ik deze gedachtenspinsels aan kan ophangen. Hoewel het de lading dus niet dekt. Precies waar Haagspraak dus voor staat eigenlijk.

Blurb nummertje een valt samen met de vooravond van de presentatie van een nieuw kabinet in Nederland. Morgen staat Kabinet Jetten op de stoep van Huis ten Bosch.

Een ding wat mij is opgevallen aan de totstandkoming van dit kabinet is dat er weinig gerollebol over de straat is geweest. Het ging er “beschaafd” aan toe.

Wat mij wel zeer bevreemd is dat ene mevrouw Dilan Yeşilgöz er als Vicepremier en Minister van Defensie mag gaan staan. Om te beginnen stoort mij aan deze dame dat ze een eerder kabinet heeft laten vallen over een onderwerp dat ze ten onrechte aanzienlijk heeft opgeblazen. Het nareizenden probleem, dat helemaal niet zo’n groot probleem was als zij het heeft doen voorkomen als Minister van Justitie.

Eerlijk gezegd vond ik haar als Minister van Justitie wel redelijk op haar plaats omdat we niet steeds werden lastig gevallen door allerlei onzin die zich binnen het Ministerie van Justitie pleegt af te spelen, maar deze nareizenden jokkebrokkerij had haar veel en veel zwaarder moeten worden aangerekend.

Vervolgens maakt ze in de aanloop naar de vorige verkiezingen een reuzedraai van Niet met de PVV samen naar Wel met de PVV samen, waarna mannetje Wilders een giga verkiezingswinst maakt en het voor elkaar kreeg samen met NTSC en BBB en VVD een en ander zo ingewikkeld te maken en over straat te rollebollen dat er twee jaar lang geen klote voor elkaar werd gebracht.

Nu heeft ze volgens eigen zeggen de meeste punten gescored in de onderhandelingen, wisselt ze stuiver als fractievoorzitter en gaat ze aan het roer staan van een ministerie dat juist in deze tijd heel veel behoefte heeft aan iemand die de kar kan trekken bij een operatie waar gigantisch veel belastinggeld over de balk dreigt te worden gegooid, omdat er zo nodig meer moet worden uitgegeven…..Een defensie kenner, van het Keulen instituut geloof ik, waarschuwde deze week al voor onverantwoorde uitgaven….. Ik las ergens een klein berichtje dat een handjevol Oekraïners onlangs heeft geoefend met een grote groep Nederlandse beroepsmilitairen en deze beroepsmilitairen en hun materieel alle hoeken van de kamer liet zien, omdat de oorlogsvoering, zo leert de oorlog in Oekraïne, daar al 5 niveau’s verder is dan de status van het Nederlandse leger. Oefff