Waar blijft de tijd – Dé Hogeweg

Zondag vlogen de Haagse vloeken met ziektes om je hoofd op het MalieModderveld. Naast de barre want ijskoude weersomstandigheden kwam dat er ook nog bij. Om bij de tassenservice te komen, moest er een drassig parcours worden overgestoken. Diepe voren (fiets? auto? crossmotor?) waren in spekvette modder getrokken, zodat menig loper ook nog eens uitgleed met zijn nieuwe maar toch ingelopen loopschoenen. 

Het is bekend dat iedereen voor de start van een hardloopwedstrijd nog even wil plassen. Om bij de Dixies te komen moest je andermaal een moddermoeras oversteken, maar je moet als je moet.
Henk Patat was vooralsnog nergens te bekennen of ruiken. Misschien weggezonken als in drijfzand na de kidsrun.
De verharde weggetjes rondom het veld waren bedekt met een laagje dunne modder van een centimeter of 3. Dat kleefde mooi rond je schoen omhoog en spetterde bij het inlopen op tot aan je bil. Eigenlijk was het hele veld een totale no-go-area. Maar dat is natuurlijk al 30 jaar geen nieuws.

De sfeer zat er in ons groepje van twee meteen goed in. Denk daarbij aan de poolwind die je van alle kanten tegen hebt en het CPCfeest kon wat ons betreft beginnen. Een enorme oppepper was de muziek. Hoevaak we Gangnam Style wel niet gehoord hebben door te hard staande boxen! Geweldig!
In ons startvak moesten we een klein half uur zoetbrengen. Jeeej sexy lady… handjes in de lucht en jumpen maar, riep de dj van dienst een keer of 15. Het voordeel van het gespring in het startvak was dat niemand het meer koud had. Het grote nadeel ervan was dat menig loper veel te vroeg piekte en zijn kruid al verschoten had voordat het startkanon afging.

Van de 10 km die we daarna liepen (ja, viel mee & vloog voorbij hoor!) is me het meest het geklos bijgebleven van lopers met blauwe Weight Watchers jasjes en het zware gezucht van Obese-achtigen. Super natuurlijk dat zij ook meedoen, maar de vraag is wat mij betreft of je dat eigenlijk wel moet willen. Als ik nog tijd heb voor zulke gedachten zit het wel snor, dacht ik toen nog.
Dat we toch wel hadden afgezien gedurende lange tijd bleek uit het feit dat we dingen zagen die er niet waren. Bij onze fietsen stond W. te zwaaien met twee overheerlijke bruine stokbroden. Een goede vervanger van patat, dachten we nog. Bij nadere inspectie bleken het paarse tulpen (in bruin pakpapier) te zijn. Hoe mooi staken die af tegen alle modder!
In het TV West verslag zag ik die avond dat Sjaak Bral als lolsmurf was ingehuurd. Hij reed achterop een motor expres naast mensen met overgewicht om te vragen of het ging. Nondekanonne wat flauw! Kan hij toch beteâh! Latie lekkah wat an se vetpet krijge met se uìthèniguh commetaâhr!

time is on your side

Anouk redt het songfestival

Het antwoord op de vraag was zo eenvoudig: hoe zorg je ervoor dat Nederland nu eindelijk eens een keer de finale van het Eurovisie Songfestival haalt? Het misschien wel weet te winnen?

Je haalt er een artieste bij uit de stad die niet voor niets het ‘Liverpool van de Noordzee’ wordt genoemd. Anouk, door sommigen een enfant terrible genoemd, schreef een prachtig lied, getiteld ‘birds’. Gisteren werd het gepresenteerd. Na jaren van inzendingen die door glitter, indianentooien en andere curiosa werden gedomineerd kiezen we weer voor de muziek. Voor sommige problemen moet het antwoord nu eenmaal wel uit Den Haag komen.

We hebben er in Den Haag weer iets bij om trots op te zijn. En het is nog smaakvol ook. Gaat ze hiermee het songfestival winnen? Vast niet, het lied zal er wel niet typisch genoeg voor zijn. Maar zeg het zelf: je hoort toch liever dit?

De dingen die voorbijgaan

Louis Couperus, foto: Roel Wijnants

De dingen die voorbijgaan

Een mens kan rond
de wereld zwerven,
goed leven of slecht,

kan zich verliezen
in den verre,
zijn hart verpanden aan een plek.

Een mens kan veel
betekenen of weinig,
toch eindigt hij en ook zijn werk.

Zo was hij iets
of iemand, misschien
een Hagenaar. Er rest een zerk.

 

Sacha Kahn

Beppie en Sera

Nu de jaren meer gevorderd lijken te geraken maakt het lichamelijk actief zijn steeds meer plaats voor activiteiten van de hersenen. Daar hoort min of meer als een vast onderdeel bij, dat ik in gedachten terug ga in de tijd en daarbij komen dan, herinneringen waarvan ik dacht dat ik ze vergeten was ineens weer naar boven.
Ik ben, alhoewel ik er met regelmaat kwam, een lange periode weg geweest uit Den Haag. dat ik ooit uit mijn geboortestad ben vertrokken had te maken met de huisvestingsproblemen waar de grote steden na de tweede wereldoorlog mee te maken hadden. De oorlog had veel sporen achtergelaten en alhoewel ik van de oorlog zelf weinig heb mee gekregen werd ik ik mijn jonge jaren behoorlijk met die ramp geconfronteerd.

Ik had een tante van moederskant, die met een jood getrouwd was. Oom dolf had een grote textiel zaak in de hobbemastraat, maar hij stond daarnaast ook nog op de markt met zijn ondergoed, sokken, theedoeken enz. Via oom dolf ontmoette mijn vader daar ook werkend op de markt Beppie en Sera. Deze twee jonge zusters hadden de holocaust overleefd en waren moederziel alleen. Geen vader en moeder, geen broers en zusters, geen ooms en tantes, geen oma’s en opa’s. Niks, alleen op de wereld. Allemaal, voor zover ze niet voor de oorlog overleden waren, vermoord door de moffen. Mijn vader was een sociaal mens en begaan met het lot van zijn medemens. Als gevolg op de ontmoeting gingen wij dan ook op zondagmorgen op bezoek bij de jonge marktvrouwen. Er heerste daar altijd een sfeer, die ik als kind helemaal niet kende. alsof we allemaal murf geslagen waren. Nog niet eens verdriet, om dat te uiten was het waarschijnlijk te groot en werd het verdrongen. Gelatenheid overheerste en er werd ook nauwelijks gesproken. We zaten bij elkaar, mijn broer en ik draaiden wat op onze stoelen, maar hielden ons muisstil uit een soort eerbied voor de situatie. Deze bezoeken hebben best wel een tijd geduurd. Soms zochten we ze dan ook wel eens op tijdens hun werk op de markt. Vrolijk heb ik ze nooit gezien.
Enige jaren geleden op de begrafenis van mijn oudste broer kwam ik een zoon van oom Dolf tegen en op mijn vraag of hij nog iets wist van Beppie en Sera vertelde hij, dat ze beiden nog leefden getrouwd waren naar Israël verhuisd waren en ondertussen ook weer terug naar Nederland waren gekomen.

via beppie en sera.

De Haagse Mug – Debat over de vluchtelingen van Koekamp en Vluchthuis

Heeft u genoeg van Pauw en Witteman, is uw wereld doorgedraaid van Matthijs van Nieuwkerk? Wellicht is het dan tijd om die TV eens uit te zetten en zelf aan het publieke debat deel te nemen. In Den Haag kan dit bijvoorbeeld in De Haagse Mug, in het prachtig gerenoveerde Pandercomplex, waar regelmatig een discussieavond georganiseerd wordt over actuele maatschappelijke thema’s.
Pander, ooit een fabriekshal, nu een plek voor debatten. Foto met dank aan: janwillemsen

De Haagse Mug verzorgt lezingen in Den Haag over financiële, sociaal-economische en andere thema’s. Zij hopen dat hun werk prikkelt tot discussie, activering en het versterken van netwerken in de stad.

Dinsdag 26 februari vindt er in de Haagse Mug een debat plaats met als titel:

 Hoe verder met de vluchtelingen van Koekamp en Vluchthuis?

Er zal een lezing gehouden worden met aansluitend een publieksgesprek. De volgende onderwerpen worden behandeld:

  • – De strijd van de vluchtelingen voor een menswaardig bestaan
  • – hun acties tegen het keiharde Nederlandse migratiebeleid
  • – Welke organisaties de vluchtelingen ondersteunen en hoe zij het zelf volhouden
  • – Wat doen Het Rijk, De Gemeente en de politieke partijen?
  • – Hoe zal het verder gaan?

Sprekers: Kwinten en Jusuf van Recht op Bestaan
Plaats: Panderbar, Binnendoor 32, Den Haag
Dag: Dinsdag 26 februari 2013
Tijd: 20.00 – 22.00 uur, zaal opent om 19:30
Organisatie: Haagse Mug
Website: http://harriak7.home.xs4all.nl/haagsemug/

Image: Vectorportal

“If you think you’re too small to make a difference, try sleeping in a room with a mosquito.” – African Proverb