Haagse stadhuizen

stadhuis Den Haag
Foto stadhuis 2004, Ellywa. Wikipedia, Creative commons

Den Haag, die mooie residentie achter de duinen, kreeg pas in 1806 stadsrechten. Daarvoor was het een dorp. Maar wel een dorp met een raadhuis op de Groenmarkt dat in 1564 werd gebouwd met geld dat eigenlijk bedoeld was voor het aanleggen van stadsmuren die er verder nooit zijn gekomen. En het oude stadhuis staat er nog steeds, midden in het hart van de stad, en wordt gebruikt als pittoreske trouwlocatie. Ik heb er menig bruidspaar naar binnen of naar buiten zien gaan via de hoge trap, maar zelf ben ik er nooit binnen geweest.

Pas in 1912 koopt de gemeente ‘s-Gravenhage een groot, statig woonhuis in de Javastraat als nieuw stadhuis en worden daar tot 1972 de raadsvergaderingen gehouden. Ook dit stadhuis werd gebruikt voor het voltrekken van het burgerlijk huwelijk en als kind ben ik er in de jaren zestig daardoor een paar keer geweest. Zo herinner ik me daar het huwelijk van mijn tante Ada, een zus van mijn moeder, en ik had toen een matrozenpakje aan. Dat weet ik weet allemaal nog goed door de foto’s en een 8-mm-filmpje van de bruiloftsdag.

Buiten het stadhuis in de Javastraat kwam er na de oorlog nog een grote uitbreiding op de Burgemeester Patijnlaan, op de plek van het huidige Burgemeester de Monchyplein, dat naar een ontwerp van Julius Maria Luthmann in 1953 in gebruik werd genomen. Ruim veertig jaar later werd het eind jaren negentig al weer gesloopt. Maar daarvoor kwam je er voor burgerzaken zoals het aanvragen of verlengen van je paspoort, ik ben er verschillende keren geweest. Opvallend aan het gebouw waren de paternosters. Dat waren open houten liften zonder deuren en waar je altijd gelijk in een liftcompartiment kon stappen. Een paar jaar voordat het nieuwe stadhuis er kwam, ben ik een keer boven bij het ambtenarengedeelte geweest, op bezoek bij een bestuursadviseur van een wethouder.

Begin jaren zeventig verrees er een nieuwe, betonnen en lelijke raadszaal op de Groenmarkt. Daar ben ik nooit in geweest, maar wist hoe het er van binnen uitzag door de uitzendingen van raadsvergaderingen door de lokale televisie van Lokatel en TV West.

Midden jaren tachtig werd bekend dat er een nieuw stadhuis zou komen in het centrum van de stad bij het Spui en het zou later gebouwd worden naar het ontwerp van de Amerikaanse architect Richard Meier. Het nieuwe stadhuis was het geesteskind van wethouder Adri Duivesteijn en pas na veel gekrakeel zou het stadhuis er komen.

Er was een prijsvraag aan vooraf gegaan en de Haagse burger kon alle inzendingen en maquettes bekijken in het Haags Gemeentemuseum. Ik heb dat ook gedaan. Het ontwerp van Rem Koolhaas (OMA) lag ook goed, maar ik was het ermee eens dat de grote, witte kolos van Meier het is geworden. Het leefde enorm toen in de stad.

De eerste paal voor het nieuwe stadhuis ging op een koude najaarsdag in 1990 de grond in op de geëgaliseerde zandvlakte en nog lege bouwput aan het Spui en de Kalvermarkt. Adri Duivesteijn had inmiddels al het politieke veld moeten ruimen vanwege de financiering van het stadhuis door een ruzie met wethouder en PvdA-partijgenoot Gerard van Otterloo. Ook hij redde het niet veel later ook niet. Adri Duivesteijn woont nu in Almere en ik vind hem ergens wel de verloren zoon van Den Haag. Er mag ooit nog eens een groot Haags plein naar hem vernoemd worden, of vernoem ooit nog eens het Atrium in het stadhuis naar deze stadsvernieuwer.

Maar voordat er gebouwd kon worden, zorgde woninginrichter Hulshoff nog voor de nodige vertraging omdat ze niet akkoord gingen met hun plek in de nieuwbouw. Toen alles al was afgebroken stond de winkel van Hulshoff nog een tijd als enige gebouw recht overeind, de gebouwen van Lummus op de Kalvermarkt waren al verdwenen, net als café Van Beek, dat later ook zou terugkeren. Maar uiteindelijk ging Hulshoff overstag en kon er gebouwd worden.

En ik was er die middag bij toen de eerste paal de grond in werd gedreven, geschroefd, door het startsein van burgemeester Ad Havermans. Ik zou er een stukje over schrijven voor het uitgaansblad Doen en ik was er met fotograaf Eelco Jongma. Er was een muziekkorps en ik herinner me vooral dat de hele omvang van het toekomstige gebouw die dag en avond werd aangegeven met spectaculaire laserlichten; ja, het zou heel groot worden. Later verscheen mijn stukje met een foto erbij van Havermans met een bouwhelm op en met zijn rechterarm gestrekt vooruit alsof hij de hitlergroet bracht. Hoofdredacteur Robert-Jan Rueb had deze foto bewust uitgekozen als gebbetje met een passend onderschrift.

En zo duurde de bouw daarna nog vijf jaar en ontvingen het bouwbedrijf Wilma en het ABP samen 125 miljoen euro (niet gek duur denk ik dan nu) van de gemeente voor het realiseren van 131.000 vierkante meter vloeroppervlak. En toen was het stadhuis zonder noemenswaardige tegenslagen eind 1995 klaar.

Het stadhuis werd op 9 september 1995 door koningin Beatrix geopend. Ik was daar niet bij, maar ik ben toen wel naar een van de speciale theatervoorstellingen van Julius Ceasar van Shakespeare geweest in het Atrium. Een groots opgezet en feestelijk spektakel van het Nationaal Toneel met een kleurrijk lichtspel en echte paarden in een regie van Johan Doesburg.

In de periode daarna heb ik af en toe een kijkje genomen in het grote complex en ik vond het een mooi, open en licht stadhuis, maar ik was geen fan van het hele Spuiforum met het kale voorplein (met een water- en licht-kunstwerk van Peter Struycken dat zelden werkte) met de Dr. Anton Philipszaal en het Lucent Danstheater, de drukke rijweg en trambaan, en met aan de overkant het in mijn ogen kille Spuitheater, Haags Filmhuis, Kijkhuis en Stroom.

En dan zat er aan het stadhuis de nieuwe, grote bibliotheek vast, ook het gemeentearchief was er ondergebracht, er zaten commerciële kantoren en wat horeca in, maar het hele gebied wilde naar mijn idee niet tot leven komen en bruisen. Misschien gaat dat met de volgende nieuwbouw van de Vuurkorf en herinrichting wel gebeuren. Later kreeg het stadhuis de bijnaam het IJspaleis, een niet al te vriendelijke benaming, maar ja, Den Haag vond ik ergens ook een stad die nooit helemaal echt heeft willen ontdooien. Het ontbreekt Den Haag aan warmte, behalve op een zomerse dag.

Maar eind 1995 stond het nieuws stadhuis er dus en zaten de meeste gemeentelijke diensten, die daarvoor verspreid waren over de hele stad, en de raadszaal nu bij elkaar onder één dak en had het stadhuis het grootste atrium van Nederland. Ik kwam er ook wel voor wat burgerzaken en ik bezocht een paar keer de bibliotheek, zonder lid te worden. In die beginjaren kon je er ook gratis internetten. Ik ging daar wel kijken of ik andere internetliefhebbers zou kunnen ontmoeten, maar het was er altijd alleen maar heel druk met mensen die alleen maar aan het internet-chatten waren. En dan was er nog het nieuwe Hulshoff en beneden bij de ingang zat een soort van koffietentje waar ik een paar maal ben gaan zitten, ik vond het er te ongezellig.

En zo was ik in die jaren bezig met allerlei baantjes via uitzendbureaus en soms moest ik tussen twee jobs in een beroep doen op de bijstand. Was goed te doen met een hoop vrijheid. En toen ineens kon ik er via een uitzendbureau gaan werken, op het stadhuis, nota bene op de afdeling van de bijstand. Gelijk gedaan en ik heb er een paar maanden van allerlei werk gedaan, vooral ook dossiers van vluchtelingenkinderen doorlichten op financiële regelingen en uitkeringen. Best aardig werk en er werd door het afdelingshoofd aan me getrokken om vooral te blijven en door te stromen naar een vaste baan. Ik moest er eerlijk gezegd niet aan denken, maar het baantje bood wel alle gelegenheid om het hele stadhuis van binnenuit te verkennen. En dat heb ik ook ruimschoots gedaan. Maar veel bijzonders valt daar ook niet over te schrijven. Ja, een prachtig uitzicht over de stad op de hoogste verdieping en ik herinner me nog hoe eng ik de hoge loopbruggen onder het dak van het Atrium vond. Ik werd daar helemaal duizelig van en later nam ik liever een omweg binnendoor. Gelukkig ben ik er niet lang gebleven en kon ik na een paar maanden bij de grote uitgeverij Ten Hagen & Stam gaan werken in de Plaspoelpolder, maar ik vond het wel geestig dat ik als vrijbuiter een keer voor de gemeente op het stadhuis had gewerkt. En wat een ambtenaren zeg. De vaste medewerkers waar ik mee samenwerkte hadden geen hoge pet op van de burgers en lieten zich ronduit discriminerend uit over allochtonen. Beschamend, maar ik zei nergens wat van.

En toen kwam niet veel later het moment naderbij dat ik voorgoed uit Den Haag zou vertrekken en zou emigreren naar de hoofdstad. Je laat dan na bijna veertig jaar toch wat achter in je geboortestad, vooral veel herinneringen, zoals die aan de Haagse stadhuizen. maar je moet juist ook niet bang zijn om nieuwe avonturen in de wereld op te zoeken. En dat heb ik gedaan.

De mazzel!

Moby Dirk, voor Haagspraak.

(Amsterdam – Den Haag 1960)

De Jongenskamer – www.dejongenskamer.nl

Verhuis parlement naar BuZa

Geachte redactie,

Rob Perik van VNO-NCW (AD-HC 4-4-’13) lijkt me het prototype van een man met teveel geld en een tikkeltje te weinig verbeeldingskracht. Overheidsgebouwen die leeg komen te staan kunnen heel goed worden hergebruikt. Het pand van Buitenlandse Zaken, dat uiterst representatief is, kan geschikt worden gemaakt voor het Parlement en het ministerie van Algemene Zaken, eventueel aangevuld met een of meer adviesorganen van de Regering (SER, WRR), want het gebouw is nogal groot. Het Binnenhof kan worden omgevormd tot museum, een Nationaal Historisch Museum en/of het Huis voor de Democratie en Rechtsstaat. Veel objecten om de ruimtes in te richten zijn niet nodig, want veel zalen zijn al attracties opzichzelf en verbonden met de geschiedenis van Nederland: Treveszaal, Statenzaal, Eerste Kamer, werkkamer van de Stadhouder, Ridderzaal, Rolzaal, Balzaal; ze behoeven weinig of helemaal geen verdere invulling. Het huidige pand van BuZa hoeft dus niet te worden afgebroken, terwijl het pand van Algemene Zaken op de hoek van het Buitenhof over kan gaan naar Hotel Corona dat ernaast ligt. Het gebied tussen de ministeries van Landbouw en BuZa kan worden omgevormd tot een plein. Bovendien kan eens goed worden nagedacht over een betere ontwikkeling van het Hofplein onder de plenairezaal van het huidige Parlement, een belangrijk gebied in de binnenstad dat er nu als uitgestorven bij ligt.

Daarnaast is BuZa ontworpen als gezicht van Nederland naar het buitenland toe en niet om commercieel rendabel te zijn. Het gebouw zal dan ook weinig kans maken op de vastgoedmarkt. Sloop komt dan al gauw om de hoek kijken. De functie van Parlement is dus een uitstekende optie.

Kortom, het idee is goed voor de ruimtelijke en economische ontwikkeling van de stad en daarmee voor de werkgelegenheid (toerisme), goed voor de parlementariers die er meer werkruimte bij krijgen, goed voor Corona, goed voor de redding van een markant en kostbaar (!!) gebouw en goed voor het milieu, want onnodige sloop wordt voorkomen. Het idee is daarmee ook goed voor de portemonnee; we gooien tenslotte geen geld over de balk. En Den Haag krijgt er een topmuseum bij dat zich kan meten met de beste van Nederland. De stad wordt er een stuk minder saai door. Een beetje meer verbeeldingskracht kan soms wonderen doen…….

Marcel Matla

Parkenroute fotowedstrijd 2e prijs voor Roel Wijnants

Wie maakt de mooiste herfstfoto van de Parkenroute 2012? Stap op de fiets en volg de Parkenroute.

Deze uitnodiging was voor Stadsfotograaf Roel Wijnants eigenlijk niet nodig: Roel fietst en fotografeert toch wel door heel Den Haag en toont dat graag op internet. Op Haagspraak vertelt hij er ook graag een verhaaltje bij. Maar bescheiden als hij is, plaatst hij natuurlijk niet zelf dat hij de tweede prijs in de Parkenroute Fotowedstrijd heeft gewonnen. Er kwamen 131 foto’s binnen en de prijsuitreiking had plaats op 11 december 2012 in het Atrium van het IJspaleis. Helaas kon hij zijn prijs niet zelf in ontvangst nemen. Hij verdient er € 50 mee en een jaar lang gratis ‘betaald’ parkeren! Ja, van zijn fiets dan natuurlijk, in elke Biesieklet. Roel van harte gefeliciteerd van het Haagspraakteam. Zuiderpark 2e prijs door Roel Wijnants

Zuiderpark, 2e prijs, Roel Wijnants, fotowedstrijd Parkenroute 2012

Zie ook de Haagse Foto’s website van Harry van Reeken waar alle inzendingen te zien zijn.

Bouw omstreden Spuiforum vandaag van start gegaan

Zonder de toestemming van de bevoegde overheden af te wachten is men vandaag onverwacht met de bouw van het omstreden Spuiforum begonnen.

Als reden gaf men op niet te kunnen wachten met bouwen omdat anders het gebouw niet op tijd klaar zou zijn als Den Haag in 2018 Culturele Hoofdstad van Europa wordt.

Update 2 november 2012
Dit satirisch bedoelde berichtje bleek toch min of meer op waarheid te berusten. Op de dag dat ik deze foto nam en dit bericht plaatste, 1 november 2012, heeft het gemeentebestuur op diezelfde avond het principebesluit tot bouw van dit geldverslindende prestigeobject genomen, kosten 181 miljoen. Waarom niet gewoon 180 miljoen? We weten toch allemaal uit ervaring dat het uiteindelijk, als het meezit, gauw de 300 miljoen zal halen. Of moet die 1 miljoen de indruk wekken dat er zeer nauwkeurig gecalculeerd is? De tijd zal het leren.

Kinderboekenmarkt in het Atrium

Zondag was de 36e editie van de jaarlijkse Kinderboekenmarkt in het Atrium van het Stadhuis. Thema dit jaar was ‘Hallo Wereld’, diverse buitenlandse schrijvers waren met hun boeken aanwezig en de belangstelling was groot. Gedurende de dag liep het bezoek op tot meer dan vijfduizend kinderen en ouders. Er waren veel schrijvers aanwezig om hun boeken te signeren en te promoten en er werden diverse workshops gegeven waar de kinderen zich heerlijk konden uitleven. Ook de voorleeshoeken werden druk bezocht.
Dit jaar organiseerde het Letterkundig museum tegelijkertijd een kinderboekenevenement en de kinnesinne was merkbaar. Schrijvers die wilden komen en ook door het museum waren gevraagd om te komen signeren, mochten niet naar de Kinderboekenmarkt in het Atrium om daar een paar uur te signeren. Dit terwijl de deur in het Atrium voor iedereen open stond.

Ik dacht dat wij probeerden om het lezen bij kinderen te bevorderen, maar niets van dit alles. Ik vind het geen goede houding van een museum om schrijvers met een dergelijke eis monddood te maken. Hier zou een wethouder toch eens kritisch naar moeten kijken.