Naakte muziek

Wachten op de dirigent

Je kunt een peperdure top-muziekinstallatie in huis hebben, daarop CD’s afspelen van topkwaliteit van toporkesten geleid door topdirigenten. Dan nog haalt dat het niet bij het gevoel dat je ervaart als je bij een live-uitvoering van een goed symfonieorkest aanwezig bent. En ons eigen Haags Residentieorkest is zo’n orkest.
Er is altijd sprake van een bepaalde spanning die je op een CD nooit kunt tegenkomen want die CD is al veel eerder gemaakt, eventueel zoetgevooisd en van vlekjes ontdaan, en zo pretendeert men dan over de perfecte uitvoering te beschikken. Maar als je je realiseert wat er allemaal niet mis kan gaan tijdens een live-concert, roept dat een aangename spanning op die je op je eigen geluidsinstallatie nooit zult ervaren? Snaren kunnen breken, musici kunnen hoesbuien krijgen of onwel worden, muziekstandaards kunnen omvallen. Een noot wordt gemist of vals gespeeld. Dat maakt het allemaal tot zo’n spannende belevenis. De instrumenten zijn zoals ze zijn, de musici zijn zoals ze zich op dat moment voelen. Geen enkele mogelijkheid tot herstel van fouten. Wat je hoort en ziet is de naakte waarheid, de naakte muziek. Daarna zal hetzelfde stuk altijd anders klinken want het kan nooit meer exact zo herhaald worden. Muziek is nou eenmaal vergankelijk, zeker toen er nog geen mogelijkheid bestond om geluiden vast te leggen was het gewoon het einde, over en uit, als het concert afgelopen was. Een schilder of tekenaar kon een landschap nog vastleggen, voorwerpen konden opgemeten en beschreven worden. Muziek voor de oren moest het van de herinnering hebben. Dat is ook de reden dat kunstschilders uit vroegere tijden vaak een viool of ander snaarinstrument afbeeldden als symbool van de vergankelijkheid. Sommigen zetten er ter verduidelijking ook nog een schedel bij eventueel nog een blauw lint met een sleutel. Allemaal symbolen die we nauwelijks meer kennen om de vergankelijkheid van het leven aan te stippen.
Vanmiddag was het dus weer zover. Een gratis lunchconcert door het Residentieorkest in de dr. Anton Philipszaal, ter voorbereiding van hun optreden van a.s. weekend.
Bij binnenkomst waren enkele muzikanten al druk bezig hun muziekinstrumenten te stemmen. Ik hoorde veel heftige lage tonen op grote blaasinstrumenten. Af en toe meende ik melodieflarden van Prokofjev te herkennen, maar ja, orkesten die aan het stemmen zijn klinken nogal gauw naar Prokofjev. Want Prokofjev was geen romantische melodietjesschrijver. Mijn oren hadden me ditmaal niet bedrogen, we kregen gedurende een half uur delen van de Romeo en Julia-suite te horen. Te beginnen met een oorverdovend spektakel van het gedeelte dat jullie allemaal kennen van een al wat oudere Tv-commercial, ben vergeten om welk artikel het ging, maar dat is ook niet zo belangrijk.
Vrijdagavond 20.15 en zondagmiddag 14.15 is het complete programma te beluisteren.
Dvořak – De Watergeest; Dvořak – Vioolkoncert, Liza Ferschtman, viool; Prokofjev – selectie uit Romeo en Julia.
Het Residentie Orkest staat onder leiding van dirigent Jun Märkl.
Deze gratis lunchconcerten worden regelmatig gehouden.
Wat gedurende dit seizoen nog gaat komen:
Donderdag 17 januari 2013; 12:30 uur, Dirigent Claus Peter Flor
Donderdag 7 februari 2013; 12:30 uur, Dirigent Otto Tausk
Donderdag 21 maart 2013; 12:30 uur, Dirigent Neeme Järvi
Woensdag 17 april 2013; 12:00 uur, Dirigent Gijs Leenaar (meespeelconcert)
Donderdag 16 mei 2013; 12.30 uur, Dirigent Santtu-Matias Rouvali.
Ga er een keer naar toe, en neem ook iemand mee om je ervaringen mee te delen.

Bij het begin van zo’n concert krijg je en korte toespraak van iemand van de Philipszaal die aankondigt wat je gaat horen en die vervolgens vertelt dat je na afloop bij de kassa twee kaartjes voor de prijs van één kunt kopen. Dat is zo’n beetje de standaard.
Deze keer – voor het eerst in de (althans in de mijne) geschiedenis – werd er niet gevraagd om je telefoons helemaal uit te zetten maar alleen om het geluid uit te zetten. “Als jullie willen twitteren of facebooken waar je op dit moment zit, ga gerust je gang, misschien zit de zaal dan de volgende keer nog voller”.
Ik zeg: DOEN

Triplicate Jazz in het ISS

triplicate 2178167564-1
Triplicate Jazz in het ISS

In Den Haag is het muzikale leven zoals bekend altijd een beetje bruisender dan elders. Je vindt hier het Residentieorkest, het Koninklijk Conservatorium en het Festival Classique, maar de Haagse zand en veen zijn vooral ook een vruchtbare bodem gebleken voor talrijke groepen en bandjes die hier vandaan komen. Dit geldt voor de popmuziek -waar de eretitel ‘beatstad nummer 1′ mee verbonden is, maar ook voor de jazz. De Amerikaanse muziek werd hier snel opgepikt en van de grote Nederlandse namen op jazzgebied komt een belangrijk deel uit Den Haag (Rob Madna, Frans Elsen, Ack en Jerry van Rooijen). Zij traden in de voetsporen van de toenmalige jazzvernieuwers (en uitvinders van de bebop): Charlie Parker, Miles Davis, Bud Powell, Chet Baker. Toen in de jaren ’80 de jazzopleiding op het Haagse Conservatorium begon, zorgde dat voor een opleving die nog tot de dag vandaag merkbaar is. Natuurlijk heeft de jazz sindsdien een ontwikkeling doorgemaakt. Veel van de hedendaagse formaties verraden hun roots in het verleden, maar hebben toch een eigen geluid. Dit geldt ook voor de jonge band ‘Triplicate’.
Triplicate is een in 2009 opgericht jazztrio dat bestaat uit Bob Wijnen (piano), Johnny Daly (bas) en Ellister van der Molen (trompet, flugelhorn). Wat de drie gemeen hebben is -behalve dat ze zo’n tien jaar geleden de jazzopleiding van het Haagse Conservatorium afrondden- de diepe liefde die ze koesteren voor de akoestische jazz uit de jaren ’60. Opvallend is dat ze ervoor kiezen om in principe zonder drummer te spelen. Hierdoor ligt de nadruk nog meer op de interactie tussen de spelers. Hun eerste cd ‘Three and One’ kwam uit in 2010 . Hierop staan (naast een paar eigen composities) interpretaties van stukken van onder anderen Tadd Dameron, Jim Hall, Lee Konitz en Kenny Wheeler.

Nu, na twee jaar intensief samenspelen is het bandgeluid sterk geëvolueerd en het repertoire uitgebreid. De bandleden achten dan ook de tijd rijp voor een nieuw album, een online release deze keer. De avontuurlijke titel luidt: ‘Call of the Wild’. Dit is ook de titeltrack en moet gezien worden als een verwijzing naar ‘de innerlijke drang voor muzikanten om hun hart in de muziek te leggen.’

‘Offline’ is er woensdag 28 november een release party in het ISS (International Institute of Social Studies),

fotograaf Piet Gispen
Kortenaerkade 12, aanvang 19.30. Entree is €10 maar in ruil daarvoor krijgen bezoekers niet alleen een avond vol mooie muziek, maar ook het album op een USB-stick.

http://triplicate.nl/media_en.html
http://triplicate.bandcamp.com/
call of the wild 2799331909-1
Tekstbron Elvin alias Dries Triest

Gerrit Schuemie


Gerrit Shuemie

Gerrit, antiekhandelaar in ruste, maakt dagelijks een wandeling om de been- en oogspieren te oefenen. De oogspieren oefent hij door naar vrouwelijk schoon te kijken. Gerrit is dik in de tachtig maar geniet nog dagelijks van het leven. Zijn roets lagen in het schildersvak, maar zijn moeder zei altijd dat hij er te fijn voor was gebouwd. Van huis uit hadden ze een schildersbedrijf. Zoals het toen gebruikelijk was gingen alle mannen het bedrijf in. Maar Gerrit had er iets op tegen.

Via via is hij een drukkerij beland. Daar had hij het wel naar zijn zin, mede omdat er ook veel drukwerk voor kunstenaars werd gemaakt: affiches, posters. Dat had de aandacht van Gerrit getrokken.

Door veel zelfstudie raakte hij steeds meer in de kunstwereld betrokken. Op een bepaald moment werd er kunst gekocht en weer verkocht en zo werd Gerrit uiteindelijk antiekhandelaar. Handel met buitenlandse relaties was een onderdeel van zijn werk. En hij had verstand van zaken. Gedurende de zomermaanden kun je Gerrit vaak tegen komen op de antiekmarkt, alleen of in gezelschap van Karin, zijn trouwe metgezel.

Veiling prijzen checken