Het kon niet uitblijven. Een paar weken geleden had Interniek van een van zijn verre reizen een soort hele dikke sigaar meegebracht die was geproduceerd door een Indianenstam en bedoeld was om zijn huis voor eens en voor al van boze geesten te ontdoen. Het apparaat werd tijdens de Opûh Koffie ruimschoots besnuffeld en beoordeeld als ware het een Opûh (Wiet) Rokûh bijeenkomst in plaats van een gewone Opûh Koffie.
En Ja hoor. Vandaag was de sigaar los. Mooi weer. De Opûh Koffie verkast van binnen naar het terras van Van Beek. Roel en Gerard gaan op zoek naar andere onderwerpen om te fotograferen. Dan steekt Edwin vakkundig een sigaar op. Deze sigaar doet vervolgens de ronde. Als volleerde Wiet-Rokers lurken ze er aan, waarbij enige niet-rokers ook een trekje nemen. Ach in een Koffieshop roken ze toch ook niet? Ik begon er niet aan, want ik vrees dat ik te kort geleden gestopt ben en voor ik het weet rook ik Havana’s over mijn net schone longen. De moraal? Het was prachtig weer vandaag voor een Balmoral en met een grote askegel blies Interniek dit verhaaltje uit. De Balmoral wacht gedeeltelijk nog prachtige tijden in een prachtige koker in de zak van Edwin. Een nieuw Sigaren genootschap is geboren…..
Als er wurmen worden aangetroffen in hamburgers is Leiden in Last.
Varkensvlees hoort niet in Ham Burgers thuis.
Als er paardenvlees in Ham Burgers worden aangetroffen, is het land te klein,
Maar als er Burgers worden gegrild en in Burgers gestopt, vindt iedereen dat kennelijk normaal. Ik heb nog niet van een klacht bij de Reclame Code Commissie gehoord tegen Burger King.
Soms ontmoeten wij tijdens de Opûh Koffie bijzondere mensen. Vandaag is weer zo’n moment. Enkelen van ons zijn al vertrokken en lezen dit ongetwijfeld met lede ogen.
In gesprek met Edwin vraagt de man mij of hij “daar kan gaan zitten”. Het is eigenlijk geen vraag maar meer een mededeling want hij schuift meteen door naar de uiterste hoek. Hij komt zeer resoluut over, wijst precies aan waar hij wil gaan zitten en vraagt meteen waarom die tafel in de lengte staat. Want hij staat “altijd dwars”. Hij begint meteen aan de tafel te sjorren en wij zijn wel bereid om deze mee helpen ‘terug’ te zetten. ‘onze’ tafel bij Café Van Beek ondergaat een bijzondere behandeling tijdens de Opûh Koffie
Zolang ik de OK bij Van Beek meemaak heb ik de rangschikking van tafels niet anders gezien. Maar er is geen discussie over mogelijk, deze tafel staat “altijd dwars” gezien vanuit de andere OK tafels. Hij doet zijn jack uit en hangt het over een stoel tegenover hem. Hij knoopt zijn overhemd los, een knoopje meer dan dat ik zou doen want nu komt zijn onderhemd in beeld. Hij zit daar nu alleen op de bank met ‘onze’ tafel dwars vóór hem. Alsof hij een vergadering gaat voorzitten.
De plastic tasjes drapeert hij breed uit over de bank. Vervolgens haalt hij een stuk papier tevoorschijn om de tafel schoon te maken. Een sterke citroenlucht komt hierbij vrij alsof hij een schoonmaakmiddel gebruikt. Alles wordt keurig gerangschikt. Het standaard potje met kunstbloemen, de peper, het zout, het waxine tafellichtje, de tonic met glas, die hij besteld heeft met ijsklontjes, een pen wat los geld en een tasje van de Media Markt waarop staat; ‘Ik ben toch niet gek?’
Hij staat op om naar de wc te gaan om na lange tijd weer terug te komen. Een rol dun wit papier wordt uiterst zorgvuldig uitgerold over de tafel tot op de grond toe aan de andere kant. Waar hij het vandaan heeft, ik weet het niet. Het beetje gekreukte papier wordt zoveel mogelijk met de vlakke hand gladgestreken. Het begin lijkt afgescheurd. Dat knipt hij nu kaarsrecht af. Om de zoveel centimeter vouwt hij het en knipt het dan weer af. Het lijken papieren handdoekjes te worden. Inmiddels is de hele tafel in beslag genomen. Zo langzamerhand krijgt hij ook de aandacht van de andere tafels om hem heen. Je ziet men elkaar informeren over deze ongewone act. Sommigen draaien zich daarbij gewoon om toch vooral niets te hoeven missen.
Na weer lange tijd op het herentoilet gaat hij door met zijn zo te zien voor hem belangrijke bezigheden. Heel zorgvuldig schrijft hij met een balpen op een papiertje bovenaan de woorden ‘Katwijk’ met daarachter ‘gezellig’. Dan haalt hij een papieren zakje tevoorschijn en strooit dat met enig lawaai op tafel leeg. Allemaal muntgeld waarmee hij geldrolletjes maakt.
Al die tijd kijkt hij niet op of om of hij de aandacht trekt maar gaat onverstoorbaar door. Alle tafels in het café hebben nu zijn aandacht.
Dan weet ik het opeens! De man heeft teveel naar Mr. Bean gekeken!
Natuurlijk had José gelijk toen ze zei meteen aan Monthy Pyton’s Ministry of Silly Walks te denken bij het zien van het slowmotion gedrag van Marius en Cor.
Het land en Den Haag zijn toe aan een Ministry of Silly Walks nu de strijd om het PGB budget teloor gaat.