Rechtsgeleerden Hoge Raad in verkeerde volgorde geplaatst

Maak ik een mooie opname van de standbeelden van de rechtsgeleerden voor de nieuwbouw van de Hoge Raad aan het Korte Voorhout en neem en passant ook nog het vreemde geluid in de lucht hierin mee … Blijken de beelden niet in de juiste volgorde te staan, lees ik in de jongste Den Haag Centraal.

img_1514-3

zullen de bevrijde rechtsgeleerden voor de nieuwbouw van de Hoge Raad alsnog hun verdiende plek krijgen?

Kan dat nog gewijzigd worden vóór de opening, vraagt de schrijver van deze opmerkelijke constatering zich af, professor Dr. F.C.J. Ketelaar, hoogleraar archiefwetenschap. Ik hoop van wel.

img_3122-1

het artikel in Den Haag Centraal

Harde Handen in het Zuiderstrandtheater

Zuiderstrand TheaterZuiderstrand Theater (foto via This is The Hague)

Jochem Groenland, Wouter Hilhorst en Thijs Mauve hebben het Zuiderstrandtheater ontworpen. Op 25 september 2014, een jaar geleden nu, werd het met luide knallen oficieel geopend,

Tijdens de opening was het Spuiforum al afgeblazen en was er eigenlijk nog geen emplooi voor het theater dat de Dr Anton Philipszaal en het Lucent Danstheater gedurende de bouw van een nieuw combitheater aan het Spuiplein tijdelijk zou huisvesten. Het is een tijdelijk theater, voor 5 jaar gebouwd en dan zal het weer worden afgebroken. Ik denk dat het een langdurig tijdelijk theater wordt. De locatie is mooi. De openbaar vervoer verbinding lijkt in orde en er is een gigantische parkeerterrein. Vanuit de foyers heb je door prachtige grote ramen mooie vergezichten (helaas geen zicht op zee). Het voelt prettig. Het enige bezwaar dat ik heb is dat de stoelenrijen niet door een middenpad bereikbaar zijn. Gevoelig als ik ben voor snelle ontruiming bij calamiteiten ontbreekt dat eraan in het design. Verder is het strak, industrieel en sturdy. Oh ja en een tweede puntje van kritiek: Je kunt heerlijk hangend over de ballustrade in de pauze je drankje drinken, maar het gevaar bestaat dat je je drankje op iemands hoof een of twee trappen beneden je laat stuiteren en de gevolgen zullen dan niet te overzien zijn.

Ik bezocht het theater ter gelegenheid van één van de vier voorstellingen van Harde Handen.

Harde Handen
Loes Luca als moderne Kniertje

Harde Handen

Is een vissersopera die het Zuiderstrandtheater in eigen beheer heeft ontwikkeld samen met met Theaterkoor Dario Fo en meer dan honderd Scheveningse zangers en zangeressen. De voorstelling is gebaseerd op Heijermans’ klassieker “Op Hoop van Zegen” en niemand minder dan Loes Luca speelt een rol van Kniertje, namelijk de Kniertje van nu. De kniertje van meer dan honderd jaar en die in een verzorgingstehuis zit en snedig zowel herinneringen ophaalt uit het verleden als snedig commentaar geeft op de (politieke) situatie van nu. In de opera zelf die door Kniertje als een soort flashbacks wordt gepresenteerd, wordt door de zangamateurs fantastisch gezongen. Het verhaal van de vrekkige reders waarvan er een waarschijnlijke een wrakke logger de zee opstuurt in een storm in de hoop dat hij vergaat en hij de verzekeringspremie kan opstrijken. Aan het einde van de voorstelling kreeg de cast een staande ovatie van een uitverkochte zaal en werd harde handen nog eens gezongen:

De voorstelling is slechts viermaal opgevoerd en dat is jammer, want hij is echt de moeite waard. Viermaal uitverkocht. Normaal knap ik wel eens een uiltje tijdens een voorstelling – Ik heb ooit een keer met een vriend luid zitten snurken in de keizerlijke loge van de Opera in Wenen – bij deze niet! Kippenvel krijg je ook omdat je hoort en ziet dat echte Scheveningers hier aan het zingen zijn en daar hoor je aan dat ze allemaal weten hoe het er echt aan toeging.

Nog een leuke anectdote: Tijdens de pauze wordt boven de trap een aantal mooie Zwart Wit foto’s op de witte wand geprojecteerd met vissers of vissersvrouwen en hun verhaal. Staat er naast mij een oudere heer met verweerde kop een foto van te maken met zijn smartphone en zegt met een grijns tegen mij: “Het komt niet elke dag voor dat je jezelf levensgroot op een muur geprojecteerd ziet!” Is het een van de geportretteerden:

en zie ook.

Bronnen bij de uitvoering weten te melden dat hopelijk harde handen in juni 2016 een paar maal in reprise gaat. Ik hoop het van harte en beveel het alsdan van harte aan!

DIS

Mijn interpretatie van het gedicht
Cantus

DIS

Het kan niet schelen waar wij eten,
zolang het maal wordt begeleid
door donker water van de Lethe,
De wijn van de vergetelheid

Hoe ook de zetels zijn bemeten
en hoe de tafel is geschikt,
bij elke slok slinkt elke vete,
bij elke bete elk conflict.

Tezamen aan de dis gezeten
zijn wij verzoend met ons bestaan,
zolang wij niet bij ons geweten
en bij ons hart te rade gaan,

en samen van de lotus eten,
opdat ons eens gegeven wordt
ook elke liefde te vergeten
en elk onmetelijk tekort.

Jean Pierre Rawie

De voorste rij, de fine fleur
De voorste rij, de fine fleur

Ik was gisteren bij de officiële vernissage van DIS, in het Atrium van ons mooie en koele IJspaleis.
Eergisteren dwaalde ik door deze ruimte toen men de kunstwerken aan het plaatsen waren en kwam ik in gesprek met Jan Harm Bakhuis, een (amateur)fotograaf die als taak op zich genomen had van alle werken een foto te maken en stond daar met zijn camera op statief. Iets wat normaal gesproken niet toegestaan is in deze ruimte.
Aan deze tentoonstelling doen 30 Haagse exposanten mee. Het is een ontmoeting van tien jonge talenten en tien ervaren kunstenaars. Ook 10 oudere amateurkunstenaars – niet gehinderd door het professionele juk – (de toevoeging tussen de streepjes heb ik uit de brochure gepikt) gingen ook voor DIS aan de slag.
Uitgangspunt was dus het gedicht van Jean Pierre Rawie, begin dit jaar, bij de start van het DIS project, tijdens een cultureel diner in Pulchri, waarbij alle 30 al dan niet professionele kunstenaars aanwezig waren, voorgedragen door Paul van Vliet.
Dit thema, en dus de tentoonstelling, gaat over het leven zelf en de daarop volgende onvermijdelijke dood. Over jong en oud en alles wat zich daartussenin afspeelt.
De inloop was vanaf 15.00 uur dus ik was er ook rond die tijd. Ik trof meteen Akbar (vaste bezoeker van Opuh Koffie) aan. Hij was druk in gesprek met Ringo Mollinger, een van de jonge talenten die zijn sporen ruimschoots had verdiend in het illegale graffiti- en street art. Een logisch vervolg in deze ontwikkeling was de toelating tot de Willem de Kooning academie te Rotterdam
Even later verscheen ook Casper de Weerd ten tonele, eveneens vaste koffieklant en een bekende van Ringo. Zowel Akbar als Casper verdwenen al snel. De hele Haagse kunstenaarsscene leek aanwezig. Grote hoeden, kleding en kleurige waaiers smeekten om aandacht. Wijntjes, sapjes en hapjes in overvloed. Alles en iedereen vooral heel beschaafd.

Aandachtige toehoorders tijdens het mooie verhaal van Renate Dorrestein
Aandachtige toehoorders tijdens het mooie verhaal van Renate Dorrestein

Een mevrouw begon de opening met de aankondiging dat het hele programma 1 uur zou duren. Voordrachten, muziek, interviews etc, alles zou in die tijd voorbijkomen en gaf het woord aan Renate Dorrestein. Zij las haar column voor over de kracht van vitale ouderen en of eventuele onsterfelijkheid wel wenselijk was. Daar heb ik met plezier naar staan luisteren, er was veel herkenning bij deze oudere. Daarna volgde muziek en uiteindelijk zou Hedy d’Ancona de tentoonstelling tot officieel geopend verklaren. Ik heb dit allemaal niet afgewacht en ben langzaam richting uitgang gewandeld.

Bij de uitgang, of bij de ingang zo u wilt, stond een podium waarop rond een grote houten tafel een tiental studenten flink feest aan het vieren waren. Althans zo leek het.
We zagen de performance van kunstenares Linde Gadellaa. Het gedicht had haar geïnspireerd om een oude studententraditie te laten herleven: de Cantus.
Een cantus is een zang- en drinkfestijn georganiseerd door en voor studenten. De hoofdbedoeling van een cantus blijft het verbroederen, het beter leren kennen van medestudenten aan de hand van samenzang en het delen van een glas. Goed kunnen zingen is meegenomen, maar absoluut niet noodzakelijk om aan de cantus mee te doen. (wiki). Om te voorkomen dat het een dronken boel zou worden stonden er op de tafel ook hoge stapels pannenkoeken en pizza’s. Om de vitamientjes niet te vergeten was er ook een bord met een uitgebreide gezonde salade.
Het servies bestaande uit onregelmatig gevormde wijnkannen en bekers was door Linde zelf bedacht en met de hand vervaardigd.
In Nederland, althans in ons land van boven de grote rivieren, komt dit verbroederingsritueel niet meer voor. Daarom zijn speciaal voor deze performance buitenlandse studenten ingevlogen. Helemaal uit Antwerpen.
Hoewel eenmalig opgevoerd vond ik dit toch de mooiste verbeelding van het gedicht.
Deze live performance, waar ik dan weer deze foto van heb gemaakt, en vooral heb bewerkt, is mijn interpretatie. Er is een mogelijkheid voor niet-deelnemers aan deze expositie om ook eigen werk over dit thema op te hangen. Daar is één muur speciaal voor vrij gehouden.
Toen ik op dinsdagmiddag, na de officiële opening, eventjes in het Atrium was trof ik Linde Gadellaa daar in hoogst eigen persoon aan terwijl zij daar onder de tafel met een kwast en verf (beits?) het meubilair aan het bijwerken was. Ik heb even met haar gesproken, zodoende kon ik bovenstaande informatie die nergens in een programma is terug te vinden voor jullie vastleggen. Ik liet haar mijn foto zien via de iPhone. Ze wilde hem graag hebben, ik heb hem inmiddels gemaild.
Ik denk dat ik deze foto laat afdrukken en op die ene speciale muur ga ophangen.

De tentoonstelling is nog tot 20 augustus te bekijken. Ik zou er zeker naar toe gaan. Kost niets en er hangt veel moois. En vergeet vooral het gedicht niet.

Er hangt werk van:
Pat Andrea, Jan Harm Bakhuys, Dóra Benyó, Rommert Boonstra, Gideon Bouwman, Willem Diepraam, Linde Gadellaa, Herman Gordijn, Marthe van de Grift, Maja van Hall, Frank Hamers, John Houkes, Jakob de Jonge, Marleen Kappe, Annelien van Kempen, Linda Kind, Arno Kramer, Pien Lemstra, Ans Markus, Han Mes, Ringo Mollinger, Rita de Niet, Kim Nuijen, Lonneke van der Palen, Coby Smits, Suzanne van Soest, Ronald Sohier, Susanne Stoop, Aat Verhoog en Elly Winkel

Feestelijke opening De Kompassie met Mensje van Keulen

Alhoewel De Kompassie al vanaf begin januari te vinden is op zijn nieuwe lokatie aan de Laan, in het centrum van Den Haag, vond gisteren pas de feestelijke opening plaats van dit sociale initiatief.

In de aankondiging was Haagspraak duidelijk geworden dat deze opening zou worden verricht door Karsten Klein, wethouder Stedelijke Economie, Zorg en Havens, een bestuurder die schijnbaar graag lintjes doorknipt, maar die wij bij Haagspraak de laatste maanden vooral kennen van de aanstaande sluiting van de Scheveningse vrijplaats De Vloek.
Maar bij de Kompassie kent men Karsten Klein als de man die ervoor gezorgd heeft dat de subsidie van de instelling behouden bleef, waardoor de Kompassie nog altijd dagelijks mensen kan helpen die met zware psychische problemen anders de weg kwijt dreigen te raken in het oerwoud van instanties dat een stad als Den Haag kent.

2015-03-26 15.17.23

Ook waren wij blij verrast bij de opening Mensje van Keulen tegen te komen. Van Keulen, geboren in Den Haag, vertelde hoe zei altijd in haar werken wel een karakter met Haagse roots naar binnen probeert te smokkelen. Zij las enige fragmenten voor uit haar romans en enkele gedichten, onder andere uit haar eigen bijdrage aan de taal, haar ‘alfabet’, Van Aap tot Zet.

Het was druk bij de opening van de Kompassie en de drank en hapjes waren rijkelijk aanwezig. Hopelijk was alles na afloop ook weer tijdig opgeruimd, want de volgende dag waren er ongetwijfeld weer veel mensen uit kwetsbare groepen die hulp nodig hadden in hun strijd tegen instanties.

Opening Suite Novotel Den Haag

Afgelopen donderdag opende Suite Novotel Den Haag, het eerste long-stay hotel van dit nieuwe merk van Accor in Nederland. De opening werd groots aangepakt. Voor de gelegenheid had de hotelketen een paar directieleden meegenomen en de Haagse wethouder Stedelijke Economie weten te charteren. Namens Haagspraak woonden Edwin IJsman en Happy Hotelier de opening bij. Eerstgenoemde maakte gebruik van een aangeboden kamer en bracht er de nacht door.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Wie komen er nou op zo’n opening af? Als eerste natuurlijk de COO van Accor Hotels Benelux, Caro van Eekelen. En ook Karsten Klein, de Haagse wethouder stedelijke economie die we bij Haagspraak vooral kennen van zijn jaren ‘50-kapsel en de sluiting van vrijplaats De Vloek. Verder een bonte verzameling lokale en nationale pers, fashion- en lifestylebloggers, zichzelf uitnodigende partycrashers en personeel, heel veel personeel. Daar leek het tenminste op, aangezien het praktisch onmogelijk was om lang zonder drankje op de feestelijke vloer van de lobby te blijven.

Ik sprak een van de meisjes in zwart-witte kleding aan, Eva, 19 jaar oud, studente psychologie die een tussenjaar doet. Zij vertelde me dat ze vanuit Amsterdam hier speciaal voor de opening naartoe kwam, als medewerkster van een horecauitzendbureau. Ze vertrouwde me toe dat ze al wat op de grond had laten vallen. Mijn geruststellend bedoelde mededeling dat ze dan in het ergste geval ontslagen zou worden, iets dat prima te overleven is, kwam goed aan. In de loop van de avond zou ze me nog enkele malen aan mijn uitspraak herinneren, ondertussen links en rechts een hapje nemend van de chocolade die ik haar aanbevool.

Het eigenlijke personeel van het hotel bleek minder talrijk en gekleed in blauwgeruite overhemden, met buttons erop. Een deel van de tijd zaten ze gezamenlijk te genieten van het feestje aan de lange tafel in de ‘huiskamer’, zoals Suite Novotel de lobby noemt. Eén van hen, Shanna, las me de tekst van haar button voor en legde uit dat ze elke dag een andere kon pakken: “Net hoe je stemming is. Het helpt ook om een band te scheppen met de gasten.”

Ze legde me iets meer uit van het concept van het hotel. Zo is er 24/7 eten aanwezig. Er is geen eigen keuken, maar gasten kunnen zelf maaltijden opwarmen in hun suite. Op de vraag wat ze nou zelf deed binnen haar team, kreeg ik als antwoord: “Van alles wat, receptie, bar, ontbijt.”

De chocolade die ik Eva aanraadde bleek gemaakt door Remco Groenewold van Hop & Stork, die me met een big smile vertelde dat hij zelf de kleur van chocolade heeft. Zijn winkel werd niet, zoals ik verwachtte, platgelopen door vrouwen, maar trok ook redelijk wat mannen aan. “Vaak kopen ze juist ook chocola voor zichzelf”, vertrouwde hij me toe. Ik hoefde me nergens voor te schamen.

Zijn chocolade bevatte voor de gelegenheid ook Japanse theeblaadjes, die afkomstig waren van Kiona Malinka, een gepassioneerde jonge vrouw uit Bergen op Zoom. Als het nodig is gaat ze het Chinese platteland op om bij de theeboeren zelf haar thee te selecteren. “Dat levert heel specifieke smaken op,” legde ze uit. Zij was niet alleen op de opening om thee te serveren, maar trainde ook het personeel om het op de juiste manier te zetten. Het water mag niet te heet zijn, de juiste hoeveelheid moet afgewogen worden: “Geen thee zonder training.”

Hoewel ik zelf altijd zeg meer van de koffie te zijn en haar toevertrouwde alleen thee te drinken op doktersrecept, had haar verhaal mij toch te pakken. Na al de glazen wijn die me toegestopt waren, smaakte de thee me uitstekend.

Ondertussen had ik de mij aangeboden kamer al bezocht om er mijn spullen neer te leggen, in het gezelschap van Haagspraaks Happy Hotelier, die eerder dit jaar zijn eigen suitehotel aan de Laan van Meerdervoort verkocht. Hij vond de benaming ‘suite’ voor de kamer wat overdreven. Ik was zelf vooral tevreden over de ruime badkamer met ligbad en aparte douche. On-nederlands ruim. Het toilet had een eigen ruimte gekregen, zeer prettig. Het ligbad, dat iets korter was dan dat van mijn ouders (die het enkel gebruiken om de hond te wassen) liet ik die avond vollopen. Vanuit bad praatte ik mijn collega-bloggers van Haagspraak bij en beloofde ik hen een live verslag van het ontbijt de volgende ochtend.

Bij het ontbijt kwam ik vooral bloggers tegen, tevreden bloggers die met een jus d’orange en een bak koffie wat napraatten. In gesprek met het personeel vond ik Barteld, een ontspannen ogende man in een groene hoodie. Ik vroeg hem of hij ook iets voor het hotel deed.

“Ja, ik ben de directeur.”

Dat had ik nou niet verwacht. Toch een interessante plek, dit nieuwe hotel aan de Grote Marktstraat. Na een derde bak koffie, die ik pakte in de ijdele hoop dat ik niet door de regen naar huis hoefde te lopen, checkte ik uit en stapte tegenover de voordeur maar de tramtunnel in. Bij mijn eigen voordeur verliet ik de tram weer. Heerlijk, die luxe.

 

Edwin IJsman