La Cinquième Saison

Maskers en ratels
Maskers en ratels

De zaal druppelde langzaam vol met mannen (en een enkele vrouw) met bijna allemaal een groot glas trappistenbier in de hand. Er werd uitsluitend frans gesproken onder elkaar. Tien minuten later dan aangekondigd begon de film “La cinquième saison” die zich geheel afspeelt in een geïsoleerd Belgisch dorpje in de Ardennen.

Rituelen, de hele film gaat over rituelen. We denken allemaal dat carnaval een katholiek spektakel is maar de oorsprong gaat veel verder terug dan het Christendom oud is. Met het carnaval wordt het afscheid van de winter gevierd om zo de weg vrij te maken voor de lente en het nieuwe leven. Alle ellende en armoede die de afgelopen winter heeft gebracht moet ritueel worden afgesloten. Dat gebeurt o.a. door het verbranden van grote stapels dennenhout en het maken van veel lawaai. Met maskers op en ratels in de hand worden de boze geesten verjaagd. Zang en dans horen hierbij. In sommige streken werd het carnaval ook wel het vijfde seizoen genoemd.

Maar de lente komt niet. De hoge stapel dennenbomen wil niet branden. De natuur heeft er een punt achter gezet. Ze wil niet meer. Het blijft maar sneeuwen en stormen en men vraagt zich vertwijfeld af hoe dat komt. Er moet een schuldige gevonden worden.
Voor het grote feest is een man met zijn zoon van “buiten” gekomen. Ze wonen in een caravan en verkopen eigen honing en drank. Meer het idee van de oude marskramers die van kermis naar kermis trokken met hun koopwaar. Maar als hij nieuwe honing wil oogsten blijkt date zijn bijen ook niet meer willen, ze produceren geen honing meer. En als bijen het niet meer doen is er ook geen bestuiving meer en doet niets het meer. Als dan een bekende dorpsboer tijdens het strooien van tonnen kunstmest over zijn akkers in zijn tractor sterft is de maat vol. De schuldige is de buitenstaander, de man in de caravan. De onderbuik regeert. De gemeente laat van zich horen, wordt opstandig. Gelukkig wordt tijdens de begrafenis aan de oproep rustig te blijven, gehoor gegeven. Dat het daarna toch nog slecht met hem afloopt voel je gedurende de hele film.
La Cinqième Saison is een feest voor oog en oor. De beelden zijn rauw en mooi tegelijk. De zware grijze natuurstenen Ardense huizen lijken één met de natuur. Er zit bovendien veel beeldrijm in de film, de beeldcomposities zijn om van te smullen. Hij is traag, soms héél traag. Vaak lijken scenes op bewegende foto’s. Er gebeurt soms minuten helemaal niets. Er is nergens ook maar één sprietje groen te bekennen. De zaden ontkiemen niet meer. Het landschap is gehuld in een apocalyptische nevel. Lente, zomer en herfst zijn identiek aan de winter. De seizoenen doen het ook niet meer.
Personen bewegen zich soms heel kunstmatig als volgen zij een zorgvuldig uitgetekende choreografie. Een gevecht wordt een ballet. Vaak vormen zij ook stillevens en doen denken aan schilderijen van Breughel en Jeroen Bosch. Men is radeloos, gaan insecten eten. Een dorpsmeisje ruilt seks voor een pak suiker of zout.
De muziek speelt ook een belangrijke rol. Soms huilt de muziek met de bomen mee. Aan het eind klinkt uit de Johannes Passion van J.S.Bach: “Herr, under Herrscher” als ultieme wanhoopskreet. Het licht gaat uit.

Regie: Peter Brosens, Jessica Woodworth
Herkomst: België, Frankrijk, Nederland
Jaar: 2012

Zet alles op zijn kop – Harry Zevenbergen

Nu de storm een beetje is gaan liggen, wil ik graag terugkomen op de SNS en de zo geplaagde Sjoerd van Keulen. Niet dat ik medelijden met hem heb. Het is een misdadiger ook als de wet dat anders ziet. Maar hij deed het niet in zijn eentje, hij maakt deel uit van een wereldwijde criminele organisatie en is symbool geworden van een misdadige mentaliteit. Deze bende bestaat uit bankiers, politici en andere gokverslaafden die hoog spel hebben gespeeld met ons geld, onze huurwoningen, ons land, onze wereld. Iedere ordinaire casinoganger weet dat iedere winst slechts een voorbode is van een veel groter verlies. Hoe hoger de toppen hoe dieper het dal. Het verschil is natuurlijk wel dat de ordinaire casinoganger zijn eigen geld vergokt. Sjoerd en de zijnen ons geld.

Vorige week hoorde ik iemand zeggen dat van Keulen nooit zo´n slecht mens kan zijn als nu wordt gezegd. Hij was namelijk aanwezig bij de bezetting van het Maagdenhuis. Tja met zo´n verdediging heb je geen columnisten meer nodig. Een aanzienlijk deel van de babyboomers waren hippie, dolle mina, kabouter, provo en vochten tegen de gevestigde orde en voor het mooie ideaal dat de wereld van ons allemaal is. Van Keulen zal de foto´s ongetwijfeld bewaard hebben om aan zijn kleinkinderen te vertellen over die wilde tijd. ´Kijk eens wat opa gek deed.´ Maar zoals zoveel van zijn tijdgenoten is er van dat idealisme weinig meer over. Ze verziekten, vergokten en verpatsten de hele publieke sector aan en op de vrije markt. Het ergste van dit soort criminelen is dat ze kunnen zeggen dat het allemaal legaal is wat ze doen. Maar of iets misdadig is of niet is meer een morele kwestie. Wetten zijn tijdelijk. Vroeger kenden we de doodstraf, deed de huisarts aderlatingen, werden psychische stoornissen behandeld met electroshocks, mochten vrouwen niet stemmen, homo´s niet trouwen, bestond er geen minimumloon. Dit om maar een paar voorbeelden te noemen. Wetten zijn tijdelijk en de tijd is daar om een aantal zaken die uit de hand zijn gelopen terug te draaien. Niet een beetje maar radicaal.
Dus nee het gaat niet om het omploegen van het achtertuintje van Sjoerd van Keulen, maar om de tuintjes van alle ´Sjoerd van Keulens´ in deze wereld. Banken moeten er zijn voor alle mensen en niet voor de verrijking van een kleine groep. Energie, openbaar vervoer, woningen, de post moeten allemaal weer in handen komen van ons allemaal. Dat zal niet snel gebeuren omdat de Neo liberale gangsters alle grote politieke partijen beheersen.
Tot die tijd moeten wij genoegen nemen met het naspelen van de legendarische filmscene uit the Edukators van Hans Weingartner. Inbreken in een villa alle meubels op de kop zetten en dan op de muur de volgende boodschap achterlaten ´De vette jaren zijn voorbij´.

fettejahre

HAAGGEDICHT

P1190743a

DE BUURT

Vannacht lag ik weer in mijn kinderbed te dromen,
te dromen over hoe ik stiekem weg zou lopen:
de straat vlug uit, de hoek gauw om en met
een duppie dat ik bij de halte vond
een kaartje op lijn twaalf kopen…
Men vond mij snikkend in de straat van Buys Ballot,
of in die van Cartesius, Daguerre of Watt,
ook wel in die van Boyle, Columbus, Galilei,
Edison, Newton, Ohm, of om de hoek: Marconi.
Men bracht mij altijd direct weer thuis
en voor de deur van eigen huis
kreeg ik ’t pas goed te kwaad.
Nu al? O kleine wereld,
het was steeds de Fultonstraat.

(Mensje van Keulen)

P1190741

Haagse politie op illegalenjacht

Interview met Monique, vrijwilligster van het Vluchthuis in de Sacramentskerk aan de Sportlaan 127 te Den Haag. Zij beschrijft haar ervaringen met de Haagse politie en de arrestatie van een van de vluchtelingen die hier in de kerk onderdak hebben gekregen. Ook legt zij een en ander uit over vreemdelingendetentie en het begrip ‘vrijwillige terugkeer’, zoals dat door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) wordt gebruikt.

 

DE ROLTRAP DIE GEEN ROLTRAP HOEFT TE ZIJN – Harry Zevenbergen

Ik zit achter mijn computer. Moe maar voldaan. 150 Valentijnskaarten aan alle mogelijke liefdes die ik maar kan bedenken. Je kunt nooit op te weinig paarden wedden en met een schot hagel heb je meer kans dat je iets raakt dan met een kogel. Dat zijn twee vergelijkbare oud-engels gezegden, maar dit ter zijde.
Verscholen achter 150 Valentijnskaarten waarbij ik zeer zorgvuldig voor iedere kaart een ander handschrift heb gekozen, omdat sommige kandidaten elkaar goed kennen. Ook de tekst, de flarden van gedichten komen nauw. Het moet voor alle 150 een persoonlijke touch hebben. Sommige mensen gaan er een paar dagen voor 14 februari eens voor zitten en produceren hun kaarten. Ze weten precies op wie ze zich richten. Op de man of de vrouw waar ze al dag in dag´s avonds uitgeteld mee op de bank zitten. De bioscoop tickets die in de envelop bijgevoegd zijn blijven dan ook meestal ongebruikt of worden kado gegeven aan een jarige nicht, die als verstokte vrijgezel geen idee heeft wie ze mee moet nemen naar de bioscoop en vooral blij is dat ze nu twee keer gratis naar ´Seven psychopaths’ kan, de story van haar leven.

Ik neem alle tijd, begin drie jaar van tevoren aan een Valentijnsdag, sla noodgedwongen steeds twee edities over. De wanhoop kan ik nog in bedwang houden, maar die grote geheime liefde, die zich onthult, het moet nu toch eens gebeuren. Straks ben ik 60 en dan heb ik nog nooit echt een vrouw gezoend. Wel weet ik precies hoe ik het aan ga pakken, mijn studie is zeer uitgebreid geweest. Zoenende stelletjes op straat, door twee gaatjes in de krant glurend in het park, maar vooral veel romantische komedies. Bijkomend voordeel daarvan is dat je weet dat het altijd goed komt.
Je kent vast die ene film wel, hoe heet ie ook al weer. In ieder geval gaat het over een man van 70 die iedere dag aankomt op Station Holland Spoor en dat al 50 jaar. Iedere keer als hij de roltrap afgaat, komt zij op de tegenoverliggende roltrap naar boven. Ze knikken, glimlachen of mimen een goedemorgen. Dat gaat zo door en als ze er een dag niet is heeft hij een pestdag, totdat op een dag alle roltrappen kapot zijn op die ene na. Op de stilstaande roltrap struikelt zij, vangt hij en verzilverd hij zijn studie. Zoent haar tot de roltrap weer gaat lopen en de aftiteling verschijnt.
Is het nou zo gek dat ik denk, dat ook mij dat kan overkomen op een roltrap, die geen roltrap hoeft te zijn. Ik loop naar de brievenbus op de Hoefkade en stop de kaarten één voor één met veel liefde in de bus.