Wilhelmina nam intrek in voormalig Joods bezit

Villa Nieuwe Parklaan 110Na een wandeling in het Belgisch Park besloot ik nog wat in de omgeving te wandelen. Ik kwam via de Badhuisweg op de Nieuwe Parklaan terecht en liep richting Kurhaus.
Opeens werd mijn aandacht getrokken door iets aan de gevel van een twee-onder-één-kap-villa. het bleek om een plaquette te gaan over Koningin Wilhelmina die na de oorlog een tijdje in één van de woningen heeft gewoond.
Foto gemaakt van de villa en de plaquette en verder gelopen naar tramhalte  Kurhaus. In een flits schoot de gedachte aan een struikelsteen door mijn hoofd, maar met de gedachte kon ik verder niet zoveel. Ik had wel een week daarvoor in Scheveningen een struikelsteen gefotografeerd, maar verder kwam ik niet.
Thuisgekomen ging ik op het internet wat rond zoeken en vond wat info over de villa en Koningin Wilhelmina.

Deze plaquette herdenkt het feit dat Koningin Wilhelmina hier op Nieuwe Parklaan 110 vlak na de Tweede Wereldoorlog verbleef, van 6 september 1945 tot 15 april 1946,
Na terugkeer in Nederland woonde Koningin Wilhelmina – uit medeleven met haar Volk – in een gewoon burgerhuis aan de Nieuwe Parklaan in Den Haag.
bron http://www.hethuisvanoranje.nl

Plaquette aan de gevel Nieuwe Parklaan 110
Plaquette aan de gevel Nieuwe Parklaan 110

Zo gewoon was de villa nou ook weer niet en het bleek dat ze meer dan één villa tot haar beschikking had. De naastgelegen huizen 112 en 114 huisvestten de hofhouding en de administratie.

In “Eenzaam maar niet alleen” schrijft Prinses Wilhelmina:

Ik vond in Scheveningen twee villa’s, aan de Parklaan, één voor de werkzaamheden die mijn omgeving te verrichten had, en één voor mijn persoonlijke bewoning. Begin september kon ik verhuizen. Beide huizen waren prettig gelegen en leken voldoende ruim voor het doel. Ik had er heerlijke zeelucht. Op den duur groeide ik er met mijn arbeid en vele paperassen uit en ik was blij toen ik het volgend voorjaar Het Loo weer kon betrekken. Spoedig nadat ik op orde was aan de Parklaan volgde de opening der tijdelijke Staten-Generaal.”

Bron: Wilhelmina prinses der Nederlanden, Eenzaam maar niet alleen. W. ten Have, Amsterdam 1959
http://www.dbnl.org/tekst/wilh001eenz01_01/wilh001eenz01_01_0008.php
Verder zoekend op het internet vond ik nog meer. Zo bleek het huis Nieuwe Parklaan 110 van een gedeporteerde joodse familie afkomstig te zijn:
http://www.joodsmonument.nl/person/467104
Emanuel Kahn bezat het recht van erfpacht van Nieuwe Parklaan 110 te Scheveningen, bewoond door zijn dochter en haar gezin. Zowel zijn dochter als twee kleinkinderen die hier woonden kwamen om in Auschwitz.

Joden werd in de periode ’40-’45 alle bezit ontnomen. Den Haag had toen mr.dr. H. Westra, een NSB-burgemeester die zich actief het joods bezit toe-eigende.
En uitgerekend Koningin Wilhelmina neemt in ’45 haar intrek in een geroofd joods huis. Wie van haar adviseurs dacht: “de bewoners zijn toch vermoord, dus we kunnen hier rustig een tijdje gebruik maken van deze villa.”

Toen ik er achter was hoe het zat met de villa, moest ik even een flinke pauze inlassen.

Nog gekker maakte de naoorlogse Haagse gemeenteraad het: Deze wilde over de periode dat de familie geen erfpacht kon betalen, omdat ze afgevoerd cq. vermoord waren – er was slechts een overlevende, bleek later – na de oorlog gewoon de ontbrekende erfpacht innen.

Dit bleek uit de wijze waarop de gemeente de erfpachtgelden en straatbelasting (tegenwoordig de onroerendezaak-belasting geheten) over de periode 1942 tot mei 1945 van teruggekeerde Joodse Hagenaars probeerde te innen. Ze moesten deze gelden betalen over een periode waarin hun huizen leegstonden of bewoond werden door NSB’ers of anderen.
Bron: http://www.joodserfgoeddenhaag.nl/joodse-oorlogsslachtoffers-en-de-inning-van-erfpacht-en-straatgeld/

Kortom, een huis met een geschiedenis die er niet om liegt. Vandaar dat ik in een flits de struikelstenen zag. Er ligt een mooie taak voor de gemeente om hier iets aan te doen. Maar ik vrees dat ze liever niet erkennen dat de koningin haar intrek nam in een geroofd huis met zo’n tragische  geschiedenis.

Terug naar de Gouden Eeuw

De Gouden Eeuw waarin:

– de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden in 11 oorlogen verzeild raakte
– Nederlanders de grootste slavenhandelaars ter wereld werden.
– Nederlanders bij de genocide op de Banda-eilanden 15000 mensen doodden en de overlevenden deporteerden
– een groot deel van de bevolking in de Nederlanden omkwam door de Pest en andere epidemieën
– waarin met Johan van Oldenbarnevelt en de Gebroeders de Witt drie van onze staatshoofden werden vermoord

en waarin de gemiddelde levensverwachting van de Nederlander 31 jaar was.

Mark Rutte heeft er schijnbaar zin in. U ook?

George Maduro een oorlogsheld

Buitenplaats Dorrepaal. Foto door Roel Wijnants.

9 februari 2015 is het 70 jaar geleden dat George Maduro in het concentratiekamp Dachau is overleden. George Maduro geboren in Willemstad Curaçao kwam naar Nederland om rechten te studeren.

In mei 1940 toen de Duitsers Nederland binnenvielen werd Maduro, die reserveofficier was, in Den Haag gelegerd en kreeg de opdracht om de bij Ypenburg gelande parachutisten tegen te houden in hun opmars naar de residentie. De Duitsers lagen bij een Voorburgse villa in stelling. Onder leiding van Maduro werd bij villa Leeuwenberg (thans Dorrepaal) hevig gevochten en de opmars van de para’s tot staan gebracht. Door listig met de zware wapens van links naar rechts op te schuiven en te vuren kregen de Duitser de indruk dat ze tegenover een grote groep militairen stonden. Na een stormaanval wist een groepje samen met Maduro de villa te bereiken en de aanwezige Duitsers tot overgave te dwingen.

Enige dagen later capituleerde Nederland en werd Maduro gevangen gezet. Korte tijd later werd hij weer vrijgelaten, intussen hadden de Duitsers het dragen van de jodenster verplicht , Maduro, zelf jood weigerde de ster te dragen, dook onder en ging in het verzet. Hij hielp geallieerde piloten via Spanje naar Engeland te vluchten. Na verraad is hij gevangen gezet, ontsnapte, werd weer gearresteerd en uiteindelijk naar Dachau getransporteerd, waar hij een paar maanden voor de bevrijding op 28 jarige leeftijd overlijd.

Terwijl George Maduro gevangen zat, heeft zijn vader een brief geschreven naar koningin Wilhelmina en de regering in Londen met het voorstel om zijn zoon te ruilen voor Duitsers, die op Bonaire gevangen zaten, maar de regering weigerde deze ruil.

Na de oorlog schonk de familie Maduro een groot kapitaal waarmee een miniatuurstadje kon worden gebouwd, dat tot op vandaag Madurodam heet. Bij de officiële opening verklaarde toen nog prinses Beatrix, dat Madurodam een waardig gedenkteken zou blijven voor George Maduro. Hij heeft postuum de militaire Willemsorde gekregen voor zijn moedige daden.

Woonhuis George Maduro, Frederik-Hendriklaan 111, Den Haag. Foto door Roel Wijnants.
Woonhuis George Maduro, Frederik-Hendriklaan 111, Den Haag.
Madurodam. Foto door Roel Wijnants.
Madurodam.

Bronnen: Niod Amsterdam-Community joods monument.
Meer over George Maduro: http://www.4en5mei.nl/herinneren/oorlogsmonumenten/sprekende_beelden/getuigenverhalen/64

 

Haags Achterhuis

Haags Achterhuis Reinkenstraat nummer 19

De Reinkenstraat in Den Haag, is een straat in de wijk Duinoord met veel winkels en een aantal lunchrooms. Er is een grote diversiteit aan winkels en het is er vaak gezellig druk.

De straat heeft in de jongste geschiedenis een groot drama meegemaakt, wat niet zo bekend is. Amsterdam heeft het “Achterhuis” maar ook in de Reinkenstraat hebben wij een achterhuis.

Op nummer 19 woonde Mies Walbeehm. Zij bood, via het verzet, onderdak aan Joodse onderduikers. Het huis werd gebruikt als doorgangshuis voor Joden, die later elders werden ondergebracht. Er zaten soms wel 30 personen ondergedoken. In de nacht van 22 op 23 maart 1943 deed de SD, getipt door een verrader, een inval in de woning aan de Reinkenstraat. 24 Joden en Mies Walbeehm zijn toen uit het huis gehaald en afgevoerd.
De Joden werden afgevoerd naar kamp Sibibor, geen van allen overleefden dit kamp.
Mies Walbeehm werd eerst in de Scheveningse gevangenis opgesloten en later naar strafkamp Vucht overgebracht, als enige overleefde zij dit grote drama.

Sinds 2002 hangt er boven de ingang van nummer 19 een bronzen plaquette gemaakt naar een ontwerp van Loek Bos. Op de plaquette staat een spreuk van Jean Bartout: “De herinnering aan de doden is voor hen een tweede leven.”
Je moet echt zoeken om de plaquette te zien, omdat het in een donkere hoek hangt, maar als je eenmaal weet waar het zich bevindt, kun je niet meer door de Reinkenstraat lopen zonder er even naar te kijken. Elk jaar vind er een kleine plechtigheid plaats tijdens de jaarlijkse dodenherdenking op 4 mei.

Zo blijft de herinnering aan het Haagse achterhuis steeds levend.
Kaddisj jatom. Foto door Roel Wijnants, op Flickr
Kaddish van de rouwenden