Le Tour de Tommy: Muret – Rodez

Parijs is nog ver. Zeker als je Tommy heet: met zijn korte pootjes kan onze columnist niet bij de trappers. Sturen kan hij ook niet. Blaffen wel.

Terwijl ik gisteren rondwandel bij de aankomst in Rodez, de finishplaats van vandaag, ondertussen vervelende Franse kinderen ontwijkend en grommend naar overvriendelijke oude dametjes, komt er een groep van elf toerfietsers aan. Ik besluit mij tussen hen te begeven, ik kan wel wat advies gebruiken voor deze etappeplaats. Wie zou hier, nu iedereen vermoeid is van de rustdag, nu kunnen winnen? Ik stap de weg op tussen de aankomende fietsers.
Een aantal fietsers duikt over elkaar, bidons rollen over de weg, er wordt gescholden, in mijn richting meen ik.

“You stupid dog!”

Dat is duidelijk geen Fransman. De wielertoerist die mij ternauwernood kon ontwijken heeft een Amerikaans accent, Texaans schat ik. ‘Le Tour, one dog ahead‘, meen ik op zijn nu gerafelde shirt te lezen. Ik stap op hem af.

“Voeckler,” zegt hij en geeft mij een aai over mijn bol, “expect that annoying bugger to try something on this stage. Now get the hell out of here. The Tour is no place for a dog!”
Terwijl de Texaan zijn gehavende voorwiel inspecteerd denk ik na over zijn woorden. Het heuvelachtige tweede deel van de etappe zou veel renners kunnen liggen, maar Voeckler, ja, die hebben we nog niet genoeg gezien deze Tour. Hij zou weleens op wraak uit kunnen zijn.

Ik zie de groep wielertoeristen weer verder rijden, de vriendelijke Texaan voorop. Ineens besef ik wie mij bijna van de sokken reed.

Vergeten een poottekening te vragen.

Woef. :’-(

Le Tour de Tommy: Lannemezan – Plateau de Beille

Parijs is nog ver. Zeker als je Tommy heet: met zijn korte pootjes kan onze columnist niet bij de trappers. Sturen kan hij ook niet. Blaffen wel.

‘Leven als een hond in Frankrijk’ is geen bekende uitdrukking. De reden daarvoor is simpel: er valt voor de Fransen weinig eer mee te behalen. Terwijl ik gisteren opgesloten zat in een asiel in Pau deed de redactie van Haagspraak hoegenaamd niets om mij vrij te krijgen. Geen enkele keer zochten zij telefonisch contact met de Franse autoriteiten.*
Gelukkig slaagde ik erin om deze ochtend een pen te bemachtigen van een van de medewerkers van het dierenpension. Frans kan ik niet, maar het leek me wel dat een briefje in Nederlands door iemand vertaald zou kunnen worden.

Dit had een onverwacht effect. “Un chien étranger, un chien étranger!” werd enige malen geroepen. “Allez, allez! Vite!” en ik werd op straat geknikkerd. Schijnbaar ben je als buitenlandse hond niet welkom om in deze streek de asielfaciliteiten te gebruiken. Dat scheelt: nu kon ik me weer tussen de wielrenners begeven…

Vandaag finisht de Tour op Plateau het Bijltje. Dat is een plek waar nulvoudig Tourwinnaar Lance Armstrong goede herinneringen aan heeft. Hij was hier oppermachtig in 2004 en sprintte Ivan Basso er uit het wiel. Vijf maal finishte de Tour op deze col, vier maal bleek de ritwinnaar ook de winnaar van het eindklassement. Alleen de Tour van 2007 was enigszins curieus in dit opzicht omdat de ploeg van Rabobank later gele truidrager Rasmussen uit koers zou halen. Je moet als wielerploeg immers om de reputatie van je sponsor denken. Van Libor hadden we in die jaren nog niet gehoord…

Schrijf vandaag maar gewoon Froome op.

Woef.

* Noot van de redactie: wegens een tekort aan beltegoed waren wij helaas niet in staat om het dierenasiel in Pau te bellen.