De Giro d’Italia: vooruitblik op het Wielerjaar 2016 – Deel 2

De redactie moest onze vrolijke viervoeter er even op wijzen, maar hier is hij dan toch: deel 2 van Tommy’s voorbeschouwing op het wielerseizoen, over de Giro d’Italia. Op Twitter liet Tommy al weten nog op zoek te zijn naar vervoer:

Natuurlijk maakt de redactie weer gebruik van de gelegenheid om mijn viervoetige persoontje belachelijk te maken. Ik zou hen erop willen wijzen dat mijn vervoersvraag niet alleen serieus is, maar ook voortkomt uit de onwil van Haagspraak om mijn ‘vakantie in de Appenijnen’, zoals niet-nader-te-noemen redacteuren het al noemden, te financieren.

De Giro d’Italia

is niet alleen met enige afstand de mooiste wielerwedstrijd ter wereld, ook is de als tweede van de drie grote ronden ontstane wedstrijd het laatste decennium, zoals eerder de Vuelta dat was, een ronde geweest die erg veel vernieuwd heeft. Met buitenlandse starts, waaronder 2002 en 2010 in Nederland en wellicht in de toekomst zelfs een start in Noord-Amerika en de Verenigde Arabische Emiraten, schrijft de directie van deze ronde, die sinds 1909 wordt gehouden, het woord ‘ambitie’ met een hoofdletter A.

Betaald om thuis te blijven

In 1930 zag de toekomst van de race er minder rooskleurig uit: de afgelopen jaren was de ronde gedomineerd door één man, Alfredo Binda, in 1927 de eerste wereldkampioen op de weg. Binda presteerde het in 1929 zelfs om acht etappes op rij te winnen. De organisatie van de Giro vreesde voor een teruglopende belangstelling voor zijn race en een faillissement.

Op een dag in het vroege voorjaar stonden een paar mannen van de Gazetta Dello Sport aan de voordeur van de Fuoriclasse, die op dat moment al 4 Giro’s en 33 etappes gewonnen had. Zij hadden een aanbod voor Binda dat hij niet kon afslaan: 22.500 Lire, een bedrag gelijk aan dat wat de winnaar van de Giro zou ontvangen. Op één voorwaarde: Binda zou niet starten in de Giro van 1930*.
Alfredo Binda nam het geld aan en won hierna in 1933 voor de vijfde en laatste keer de Giro d’Italia. Zijn 5 eindzeges in werden later geëvenaard door Coppi en Merckx, zijn record van 41 ritzeges werd pas in 2003 verbroken door sprinter Mario Cipollini. Zijn 3 wereldtitels op de weg werden geëvenaard door Rik van Steenbergen, Eddy Merckx en Óscar Freire.

Wellicht had Binda nog meer kunnen winnen in zijn wielercarriëre, zei het dat deze in 1936 in Novi Ligure, woonplaats van latere wielerlegende Fausto Coppi, voortijdig tot een einde komt. Tijdens Milaan-San Remo breekt Binda hier zijn dijbeen. Na de Tweede Wereldoorlog keerde hij terug in de wielerwereld om nogmaals het onmogelijke te presteren: als ploegleider van zowel Coppi als Bartali slaagde hij erin om beide aartsrivalen in de Tour van 1949 te houden, wat geen geringe prestatie was: in het wereldkampioenschap van 1948 waren ze nog gezamenlijk afgestapt, het verlies van de tegenstander was voor hen belangrijker dan de eigen winst.

De start in Apeldoorn

De 99e Giro start dit jaar in Apeldoorn met een tijdrit van bijna 10 kilometer. De organisatie hoopt hier wellicht op een zege van Fabian Cancellara, die in zijn laatste jaar als renner de Giro wilde rijden, maar vlak zeker Tom DuMoulin niet uit. Hierna volgen twee vlakke sprintetappes** (goh…) in Nederland naar Nijmegen en Arnhem, gevolgd door een vroege rustdag en een verplaatsing naar het uiterste zuiden van Italië.

Kijktips voor de editie van 2016

Bezienswaardige etappes zijn er natuurlijk genoeg in de Giro, die graag spectaculair aankomt in de centra van steden, maar er zijn natuurlijk etappes die eruitspringen:

  • Etappe 6 naar Roccaraso, een vroege eerste bergrit, gaat door de Appenijnen en is een eerste test voor de klassementsrenners.
  • Etappe 9, een individuele tijdrit, zal voor een verschuiving in het klassement zorgen. Tom DuMoulin zal hier moeten uithalen, wil hij een kans hebben in deze Giro.
  • Etappe 10, door de Appenijnen, is 219 km lang en gevaarlijk voor de klassementsrenners.
  • Etappe 14, in het derde weekend, gaat over het bloedmooie parcours van de ‘ring’ van Pordoi, Sella, Gardena en Campolongo in de Dolomieten en is een absolute aanrader voor de liefhebbers van berglandschappen. De finale is hels, met de minder bekende, maar afgrijselijk stijle Passo Giao (11,5 km, 9,8 %) en de wat kalmere Valparola. De finish is na een afdaling in Corvara.
  • Op 22 mei is er de klimtijdrit van 10,8 km.
  • 24 mei, direct na de rustdag is er een bergrit naar Andalo, die weleens wat zou kunnen doen in het klassement. Niet iedere renner komt immers sterker uit de rustdag.
  • Het laatste weekend belooft spektakel te leveren, met de ‘Cima Coppi’ van deze editie: de 2744 m hoge Coll dell’Agnello en een laatste alpenrit naar Sant’Anna di Vinadio. Er is nog een risico voor de één na laatste etappe: de Agnello is de enige weg naar finishplaats Risoul. Bij teveel sneeuwval zal er niet veel van deze etappe overblijven.

De favorieten

Iedere Nederlander kijkt natuurlijk naar Tom DuMoulin. Terecht. Ik kan mij niet herinneren wanneer het Nederlandse wielrennen er voor het laatst iemand bijkreeg die zo’n gruwelijk vermogen effectief op de weg over kan brengen. Mijn naamgenoot heeft zeker de klasse om in de toekomst grote rondes te winnen, maar of zijn ploeg die ook heeft is de vraag. Aan de andere kant: de Raboploeg had in het verleden kampioenen als Menchov en Freire, die bij wijze van spreken hun eigen bidons nog moesten ophalen. Zij wonnen meer grote koersen dan de rest van die ploeg bij elkaar.

Het deelnemersveld lijkt relatief zwak dit jaar, dit zou een voordeel kunnen zijn voor DuMoulin, maar als je bedenkt dat Landa, de nummer 3 van 2015, vorig jaar de etappe over de Mortirolo won, vóór Contador, zou ik niet te vroeg juichen. En dan zou hij ook nog ergens onderweg Vincenzo Nibali kwijt moeten raken. Ga er maar aan staan. Andere renners die ik noem zijn: Rigoberto Uran Uran, Esteban Chaves, Rafal Majka en dan nog Zakarin en Pozzovivo.
Één naam ontbreekt nog in mijn lijstje: Alejandro Valverde. De Spaanse veteraan rijdt dit jaar zijn eerste Giro en dat zal niet voor het spel zijn, maar voor de knikkers. Dit is allicht zijn laatste kans. Of hij sterk genoeg zal zijn in de lange en zware beklimmingen vraag ik mij af.

Woef.

* Het omkopen van Binda zou ook verband houden met de ‘ontdekking’ door Costante Girardengo van Learco Guerra, een renner die het publiek aansprak en nadrukkelijk gesupport werd door de Fascistische partij.

** Liefhebbers van de Veluwe zullen natuurlijk de Posbank noemen als een favoriete col, maar echt serieus kan je deze muggenbult toch niet nemen vanuit het perspectief van een beroepswielrenner. Voor de gemiddelde toerfietser, voorzien van ballonkuiten en bijbehorende bierbuik, is deze heuvel natuurlijk wel een kluif.

Bronnen:

http://www.cyclingnews.tv
http://www.steephill.tv
http://www.uci.ch/road/calendar/

Auteur: Tommy van Beek

Columnist with a bite!

2 thoughts on “De Giro d’Italia: vooruitblik op het Wielerjaar 2016 – Deel 2”

  1. Vooruit Tommy, ik neem je vrijdag in de trein mee naar Apeldoorn, op voorwaarde dat je op schoot gaat (of in de tas) als de conducteur erom vraagt. Ook laat je de kat van mijn logeeradres met rust. Zaterdag ga je met mij mee terug naar Den Haag.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s