Joodse Begraafplaats Scheveningse weg
Rabbijn Saul Halevi was een befaamd Haags Opperrabbijn,geleerde der Hoogduitse joden.
Bron: afkomstig van wikimedia.org/wikipedia/commons
Halevi was een gewaardeerd geleerde, die in joodse zaken een autoriteit binnen Europa was.
Nog steeds komen joden van over de hele wereld naar het graf van Rabbi Saul Halevi .
Er werden bij deze gelegenheden kaarsen op het graf aangestoken wat tot vervuiling leidde.
Een vrouw uit Amerika heeft een metalen brievenbus geschonken zodat de kaarsen er in gezet kunnen worden en de grafsteen schoon kan blijven.
Zijn vrouw Dina, dichteres is begraven naast het graf van haar man.
bron:http://www.denhaag.wiki/index.php/nl/cultuur/monumenten/185-joodse-begraafplaats#7-saul-halevi-opperrabbijn
Ik kwam deze foto in mijn archief tegen van een wandeling over de Groot Hertoginnelaan.
In het bovenste fries zijn diverse symbolen uit de vrijmetselarij verwerkt: bouwstenen, de zuilen van Boaz, passer, driehoek, piramide. het alziend oog, Dorische zuilen enz. Voor meer info over de symbolen zie de wiki url:
Toen ik vanmorgen door de Grote Marktstraat fietste viel van verre de kleurige trap van de Spuimarkt mij op, toen ik dichterbij kwam zag ik dat de trap in “De Stijl”kleuren was beplakt.
Het geheel zag er vrolijk uit en ik maakte een foto . Toen ik dichterbij kwam om een front foto te maken schrok ik ,de vellen hingen er bij wat een aanfluiting. Geen reclame voor het bedrijf dat de trap heeft beplakt. .
Later die middag op weg naar huis zag ik dat de hele trap was ontdaan van de Mondriaan kleuren .
Hier was “Haastige spoed is zelden goed ” op van van toepassing.
Ben benieuwd of de trap weer opnieuw bekleed gaat worden.
Buurman, zegt hij steevast
de man van de Koerdische winkel
Ik woon hier al jaren
ik reken het brood af en loop naar huis
Veel verder komen wij niet
Buurman, zeg ik steevast
de zwarte kraai op de straatlantaarn
Hij woont hier al jaren
met een duikvlucht raapt hij de korsten op
Veel verder komen wij niet
Tja, op zoek naar een lekker visje werd ik in in de Nieuwe Vissershaven van Harlingen gespot. Waar ik zat te wachten tot deze vissermannen weer op een maandag de zee op konden. In hun kielzog komen altijd wat vissen naar boven en daar zijn niet alleen meeuwen gek op. Ook een Ooievaar versmaadt geen kielzog visje.
Al peinzend keek ik naar de visserij letters, niet goed oplettend dacht ik: “SC! das bekend terrein dat moet Scheveningen zijn en die twee daar de SC 35 Jacob Senior en en SC 45 Marijtje Keuter liggen hier wat dichter bij de visgronden. Scheelt vast een halve dag varen”…
Dom, dom, dom. Scheveningen heeft SCH natuurlijk als letters voor vissersschepen die daar thuis horen.
Na enig spitwerk kwam ik erachter dat SC de visserij letters zijn voor de Duitse stad Büsum, een badplaats en toeristisch centrum aan de Noordzee, vlak onder Denemarken.
Sinds eind 19e eeuw zijn vissers uit Büsum actief in de garnalenvisserij. In 1898 werd de Büsumer Fischereigesellschaft opgericht, die in de jaren 1940 haar hoogtijdagen had met in 1948 136 schepen, maar in 2008 nog slechts 20 schepen bezat. Het grootste deel van de schepen in de haven komt nu uit Friedrichskoog en Nederland, waar de visserijnormen uit de EU minder stringent worden nageleefd dan in Duitsland. De vangst van noordzeegarnalen voor de westkust van Sleeswijk-Holstein neemt de laatste jaren echter af. De belangrijkste afnemers van de garnalen (ongeveer 90%) zijn de Nederlandse garnalenverwerkers Heiploeg (die de Büsumer Fischereigesellschaft heeft opgekocht) en Klaas Puul. Tot de jaren 1960 werden de garnalen vaak thuis gepeld door Büsumse huisvrouwen, tegenwoordig gebeurt dit in verband met strengere hygiëneregels vaak in lage lonenlanden als Marokko. Sinds de recentelijke uitvinding van de garnalenpelmachine door de Nederlandse uitvinder Klaas Kant bevinden zich een tiental van deze machines in Leens (Groningen), Nederland.
Als je naar deze luchtfoto kijkt scheelt de haven van Büsum niet eens heel veel van die van Scheveningen qua formaat en opzet.
Via een refit verhaal op de Urker uitgave Visserijnieuws kwam ik achter de rederij:
URK – Seefischereibetrieb Hecht GmbH wordt gerund door Jacob (33) en Willem Snoek (27). Eigenaar is moeder Marretje Snoek-Hoekstra. Beide zonen zijn directielid. Willem bestuurt de zaken aan de wal, Jacob schippert op de SC 35.
Toen vader Evert Snoek in 2007 overleed had het visserijbedrijf Hecht vier Eurokotters, allemaal twinriggers. De oudste twee daarvan werden in 2011 verkocht. ,,We konden ons Duitse bedrijfsquotum ook met twee schepen benutten. Vervolgens hebben onze twee andere schepen een grote onderhoudsbeurt gekregen en die vissen sindsdien volop’’, legt Willem uit.
,,We proberen tegen zo weinig mogelijk kosten zo optimaal mogelijk ons quotum op te vissen. Dat lukt, tot alle tevredenheid. Alleen zien we met onze kleinere kotters in de winter vanwege weersinvloeden een minder bedrijfsresultaat. Met een grotere kotter erbij kunnen we dat oplossen. En dus hebben we vorig jaar de SC 25 gekocht. We hebben ons vervolgens eerst geöriënteerd. Uiteindelijk hebben we de knoop doorgehakt voor pulsvisserij en tegelijk ook geïnvesteerd in de mogelijkheid om met name in de zomer te kunnen twinriggen.’’
Pulsvissen is een nieuwe variant voor de boomkorvisserij waar zware netten met stalen kettingen de zeebodem loswoelen en zo ook het ecosysteem verwoesten en en enorme bijvangst van niet gewilde soorten gepaard gaan met een enorm olieverbruik.
Bij het pulsvissen zweef het net boven de bodem en worden de vissen gewekt met electrische pulsjes waardoor ze zo het net in zwemmen. Het verhaal is hoe groter de vis hoe groter de uitwerking van de puls vanwege hun lengte en verschil tussen de polen snuit en staart. Kleinere vissen hebben daar minder last van en zwemmen dus niet het net in…..